Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

123

We zijn nu wel weer gerust: stuipjes op zichzelf zijn zoo erg

niet Maar ik heb Mien haar lief, rustig gezichtje in grooten

angst zien vertrekken. Ook voor haar is hij het kostbaarste ter wereld! Datgene, waarin al ons willen tot rust is gekomen, tot een sterke, onverzettelijke kracht.

21 Januari. — Vanmiddag lag Hansje alweer te huilen. Hij ziet er smalletjes uit en ook Mien was geschrokken van zijn bleeke snuitje. Hij lijkt toch een teer ventje, ondanks de kracht van zijn trappelende pootjes, zijn breeë polsjes en zijn „vuist".

Ik heb nu eindelijk „Zuigelingenzorg" maar eens opgebeld en gehoord, dat kinderen van Hansje's „leeftijd" niet 12 minuten, maar volle 20 minuten behooren te drinken. Dit advies werd onmiddellijk in praktijk gebracht, met het gevolg, dat hij verder zoet en gelukkig heeft liggen droomen: van de bloemetjes ongetwijfeld, die zoo fantastisch door zijn wiegkapje héénschijnen: blauwe, gouden en roode, en misschien ook wel van de pasverlaten bloemen-tuinen, waarvoor we hem zoo weinig in de plaats kunnen bieden.

Mieneke is zoo zorgzaam, zoo vol liefde voor haar jongen, dat haar gezichtje er nog méér door schijnt te veranderen, en soms van een on-aardsche rust is. Als ze het kleine witte hoopje op haar schoot heeft en hem onder het drinken zoo aandachtig in zijn oogjes kijkt (minuten-lang en geheel verzonken), schijnt het me, of ze naar iets kijkt, of ze iets ziet, dat boven deze wereld uitgaat en voor ons verborgen is. Dat zal ook wel zoo zijn.

Hansje zal tot die menschen behooren, die een nieuw ras en een nieuwen (een waarlijk Nieuwen!) tijd zullen moeten opbouwen Als hij voorspoedig opgroeit wat God geve!

Soms beloof ik den Meester alles in ruil voor een gelukkige

toekomst van mijn jongen Dat ik „flink" zal zijn en „goed"

en „sterk" Maar wat geeft het, dit alles, als het Lot het

anders zou willen? Het beste, wat men zich voor kan nemen, is: Lief te hebben, véél en waarachtig lief te hebben. Alleen in de liefde-sfeer gebeuren de wonderen en de groote, schoone dingen.

O, mijn kleine Paul, al wat er aan Liefde in ons woont zul jij hebben. Opdat je een goed mensch zult worden, een „nieuw" mensch, en een waarlijk dienaar des Heeren.

22 Januari. — Gisterenavond heb ik één van de priesters

Sluiten