Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET EVANGELIE DER LIEFDE.

De Kathedraal.

1. Jehova, Jod-he-Vau, dat is: Man-verbinding-Vrouw. Hij, die is het eeuwig evenwicht der ongelijksoortigheden en de eeuwige harmonie der strijdbare tegendeelen: van man en vrouw, van geest en stof, van dag en nacht, van het getal en de reeks der overige getalen, in het kort: van dat wat is en al wat het niet is.

Hij is ijverzuchtig:

Hij vergeeft niet, doch vergeldt;

En al wie in Hem verlossing vindt, vindt die slechts in de bevrijding van zichzelf.

2. Maar het Leven is kort, en slechts schijnbaar. Géén van zijn vormen blijkt waarde te hebben op zichzelf. En alles wat schijnbaar waarde had valt weg in den Dood.

Laat ons dus ten Tempel gaan om ons van het schijnbare en tijd-ruimtelijke te bevrijden en ons te vereenigen in de eeuwige Harmonie. Het zal een achtergrond geven aan de volgende dagen, een besef van eigen nietigheid, dat licht maakt als een veer, en ons al het schijnbare doen zien ongeveer zooals God het ziet.

Waar is de Tempel?,

3. Er waren tempels in Perzië en Babylonië, in Jeruzalem, in Egypte, in Byzantium, en er zijn er in Rome. Steenen, marmeren, bronzen en houten, waarheen de massa's togen ter aanbidding, ter verlossing of uit gewoonte; barbaren in grauwe herdersmantels, in blauw-en-zilveren tunieken, in pij of ridder dos, Christenen in zwarte gewaden. In sommige waren gestrenge priesters, lang-gebaard, in andere dansmeisjes, naakt en dartel. In sommige werd wierook gebrand, in andere het bloedig offer gebracht, in weer andere aanbad men de goddelijke liefde of almacht of rechtvaardigheid met woorden, met zang of bloot gebaar.

Maar dat is de Tempel niet.

4. Deze tempels staan en vergaan met den tijd, gelijk elke

Sluiten