Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

211

m

Een ander probleem, en niet minder gewichtig, is dat van het eten. Evenals zijn vader, die zijn maaltijden (tenzij ze héél copieus en héél feestelijk zijn) het liefst in een vloek eh een zucht naar binnen werkt, teneinde toch vooral voor een zóó futiele en mechanische bezigheid geen minuut aan „den dag" te ontstelen, geeft ook Hans er de voorkeur aan „en passant" te dineeren.

Hij dient dus, al etende, te worden beziggehouden. Doen we dat niet, dan maakt hij, inplaats van zijn kostelijk papje op te slurpen, een precies tegenovergestelde beweging, waardoor het witte vocht in korte golfjes over den bekerrand vliegt, of wel hij zet zijn tanden stevig op den lepel, zoodat daar geen verwikken of verwegen meer aan is, of stopt tenslotte, met een resoluut en ongeduldig gebaar, zijn heerschers-knuistje in de voedzame substanties, die voor zijn mond en maagje bestemd zijn.

Hier diende raad geschaft. Zoodat ik, „als man zijnde", aan het redeneeren sloeg:

„Hans", zoo induceerde ik, „moet het eten leeren... waardééren. Het mag hem dus niet opgedrongen worden! Hij moet er naar vragen!"

Zoo gezegd, zoo gedaan. Met het gevolg, dat hij één heelen middag zonder eten en in een ijselijk slecht humeur in zijn loophek bleef en ten slotte, bij ons eerste experiment hem nu eens „het eten te laten waardeeren", precies dezelfde kunsten vertoonde. Zij het met nog wat méér doortastendheid en bitteren ernst.

„Natura scientiae ma gis tra"!

Toen zette ik mij nog éénmaal tot redeneeren (wat kunnen wij vaders gemeenlijk anders??) en sprak aldus: „Mijn zoon moet met liefde en zachtheid op zijn plicht worden gewezen!"

,We doen niet anders" zeiden zijn moeder en tante verontwaardigd. „Probeer het zélf maar!"

Met het droevig gevolg, dat hij nu onmiddellijk zijn beide vuisten in de pap deponeerde, aldus mijn goede bedoeling weer averechts interpreteerend.

Ten slotte laten we nu Beertje, en Eendje, en Hondje, en het chocoladen Paard en de tik-tik", en elke auto, die voorbij komt, méé „happen", en vertellen hem daarbij de interessantste verhalen, onderwijl „voerend", zoo regelmatig mogelijk en met een doodgewoon gezicht!

Hij eet nu véél, soms ongelooflijk veel! Geheel in de lijn overi-

Sluiten