Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HAAGSCHHEDEN I.

Daktuin. — Haagsch Tehuis voor Ongehuwden. — Incident op den Vijverberg. — Rijen, rijen, rijen.... in een auto-bus.

I.

Met de „escalier roulant" naar boven... Nu weet U, als goed Hagenaar, de rest wel. Er waren natuurlijk méér liefhebbers voor den „daktuin", o.a. een bejaarde heer en dame, die anders, in hun eigen land, aan zulk soort „aardigheden" niet méé doen.

Ze excuseerden zich dan ook met luider stem tegenover elkaar en de anderen, in kwasi-spottende literaire frases, als daar zijn: „nu zal zich weldra het schoone panorama aan ons oog ontrollen", e.d. Zooiets redt je figuur als je, als bezadigd burger, op een „escalier roulant" staat en naar een daktuin vaart, en wekt den schijn of je er niets niemendal om gééft.

Dat is trouwens een eigenaardigheid van ons Hollanders in het algemeen: dat intellectueel cynisme, als masker om onze kinderlijke pleziertjes te bedekken. Zelfs op het Voorjaarsfeest nam ik het waar, en nog wel... in de Bubble-baan. Een schampere opmerking en een knipoogje van „hoe is 't gos mogelijk, dat menschen zich met zóóiets vermaken." Maar intusschen! ....

Intusschen kwamen we met z'n allen op den daktuin (of in den daktuin), en het was er grandioos en heerlijk in het zonnetje, en je kon er goed zien hoe onregelmatig en onherstelbaar petieterig de Haagsche city gebouwd is. Maar zooiets moet je eigenlijk in een Haagsche krant niet schrijven.

Naast mij zaten twee frêle freuletjes in het blauw. „Bleu malade" noemen ze die kleur twee étages lager. Ze praatten opgewekt en precies luid genoeg om er de conclusie uit te trekken, dat het gesprek voor mij (althans óók voor mij) bestemd was. En zoodoende vernam ik, dat ze getrouwd waren, en dat ze nu eens lekker zónder hun mannen „in de stad" wilden lunchen.

Ze hadden hun tasschen vol prulletjes en aardigheden, en na-

Sluiten