Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

246

schen, luidruchtige Poolschen, wufte en ietwat „kunstmatige" Francaises, schwarmerische Germaanschen in wat wij zouden noemen „Larensche kleederdracht" .... Dat alles overzie je in één oogopslag. En daartusschen de mannen: donkere Hindoes in nationaal costuum, lange witte gewaden met geborduurde stola's; een enkele oudere getopid met een zwart kalotje. Als op Ceylon. Spanjaarden, een Russisch kind in wijden pofbroek met een cape-je los om de schouders.

Hier is ook de boom (zoo vertelde me een plots opgedoken kennis), waaronder Krishnamurti zich soms ophoudt, handen drukt, enkele woorden wisselt.

Krishnamurti, de slanke jongen, meestal dartel van ongekunstelde jeugd, dan weer plots diep-ernstig als de „wereldleeraar", die hij zijn moet, het middelpunt van deze jaarlijks weerkeerende enorme pelgrimage. Zes-en-twintig honderd menschen uit veertig landen! Een Babyion, een internationale stad in de woestijn, waar je slechts zelden anders een gesprek voert als in verscheiden talen tegelijk.

En dit is dan ook wel het groote en onbetwiste wonder, dat zich hier voltrekt (zelfs voor den „ongeloovige"): deze bijeenkomst van duizenden, in wier oogen (zwart als de tropische nacht, blauw als de Noordsche hemel) een zelfde vertrouwen ligt, een zelfde verlangen straalt: naar een ideëele verbroedering rondom die slanke jongensfiguur, die zou zijn: de nieuwe Verlosser.

Ik sla de breede en drukke „avenue" in, waarlangs zich de reusachtige eet-tenten scharen. Vind een plaatsje aan één van de tafels en deel den maaltijd (opgediend door de vrijwillige „servers"). Ze is goed en voldoende: soep, groenten, aardappelen en boterjus in kleine émaille emmertjes, die circuleeren; eieren, en een dessert van compote. Naast mij zit een dame uit Bergen, die hier met haar eigen Fordje is gekomen en de ziekelijken en zwakken van het station Ommen naar het kamp transporteert. Iets verder de algemeen secretaresse voor Nederland van de Theosofische Vereeniging en de Indische dichter Jinarajadasa. Ook Annie Besant, de hoogbejaarde presidente, die met het verdere hoofdbestuur op het kasteel Eerde logeert, komt hier soms den maaltijd gebruiken.

Sluiten