Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

252

en als het ware de Christus-geest in hem is (en wordt) „afgedwongen ". Waaróm stooten we ons echter daaraan, en wat verwachten we dan? Een duif uit den Hemel of wel een ster van Bethlehem?:! Vergeten we toch niet, dat ook al zouden die duif en die ster verschijnen (of reeds „verschenen" zijn!) slechts een klein deel onzer ze, temidden van ons gewichtig „zakenleven", zou opmerken, gelijk slechts drie herders de ster van Bethlehem ontdekten en volgden, en slechts een klein groepje de stem uit den Hemel verstond, die sprak: „Zie, dit is Mijn Zoon, dien ik U zend tot heil der menschen". En is daar niet een oude wijsheid die zegt: „Wie zich met de volle kracht zijner overtuiging tot Koning stelt, die is de Koning?"

De jonge Hindoe Krishnamurti stelde zich, met de volle kracht zijner (en veler) overtuiging als zoodanig, hij leidde, reeds jaren lang, een leven van toewijding en innerlijke aandacht, dat in overeenstemming is met de taak. die hem zou wachten, terwijl rondom hem de leden der T. V. en van haar zustervereeniging „De Orde van de Ster", eveneens reeds jaren en jaren lang, die eigenschappen in zich trachten te ontwikkelen, die „sfeer" trachten te scheppen, waarin het den Christusgeest gemakkelijk zou zijn zich te openbaren en te ontplooien. Het invocatie-gebed van duizenden heeft reeds vele malen eerder (al of niet gepredestineerd) de demonstratie van het wonder bewerkt.

Waarom zou ook nu niet deze Krishnaji onze Koning zijn?

Inderdaad: waarom niet? De moeilijkheid, die ons „gelooven" in den weg staat ligt voornamelijk.. . elders. Ook waar ons verstand ons zegt: de verwachting van een Wereldleeraar in deze dagen is gerechtvaardigd, en waar ons Gevoel constateert: dit is de „sfeer" (van liefde, toewijding, gehoorzaamheid, verwachting) waarin het Goddelijk Licht reeds trilt en aanstonds uit kan stralen, daar aarzelen wij nog. Waarom, waardoor?

Het is goed dit nu eindelijk eens zoo eenvoudig mogelijk te formuleeren.

Het zijn niet de z.g. zondaren en pariahs, noch de grove materialisten en genotzoekers, die straks (als ze vermoeid en radeloos zijn) niet willig de knie voor een „Godsgezant", welken dan ook, zullen buigen. Gelijk in Jezus' tijd zijn het niet de misdadigers en overspeligen, die Hem zullen verloochenen, maar... de zelfver-

Sluiten