Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ALGEMEENE INLEIDING

5

gericht wordt tegen de familie van den dader. Bij doodslag bestaat bloedwraak, waarbij op de nabestaanden van den verslagene de plicht rust om wraak te nemen op de familie van den dader.

Intusschen treft men hij de Romeinen reeds in de oudste tijden en bij de Germanen al vroeg sporen van een erkenning van het publiekrechtelijk element in het strafrecht, bijv. een optreden van de gemeenschap tegen hem, die de hoogste staatsbelangen aanrandt: bij' landverraad, lafhartigheid in den oorlog enz. Bij de Germaansche volken heeft dat publiekrechtelijk karakter zich slechts zeer geleidelijk ontwikkeld; langen tijd heeft daarbij nu eens de privaatrechtelijke genoegdoeningsidee dan weer de publiekrechtelijke bestraffing de overhand: zoodra het staatsgezag verslapt, zien we de eerste opvatting de laatste verdringen. Verschillende oorzaken, welke hier niet nader kunnen worden besproken, leidden er echter toe, dat het publiekrechtelijk strafrechtsbegrip tenslotte zegevierde. Zoo vindt men dan aan het einde der middeleeuwen de opvatting krachtig postgevat, dat het strafrecht een recht is door de staatsgemeenschap ter handhaving der openbare rechtsorde uitgeoefend. In het misdrijf wordt niet slechts gezien een aantasting van private belangen, maar ook van meer algemeene belangen, terwijl het delict onder den invloed van het Canonieke recht1) als een handeling indruischende tegen de wetten der Christelijke zedenleer wordt beschouwd2).

We hebben hier bij dit onderwerp iets langer stilgestaan om de in oorsprong contrasteerende begrippen bij de Inland-

J) Het Canonieke recht is het recht der Katholieke kerk, hetwelk berust op teksten van de Heilige Schrift, uitspraken van Kerkvaders, besluiten van algemeene en bijzondere kerkvergaderingen (concilies) en rondschrijven van pausen.

Het Decretum Gratiani (12de eeuw), de Decretales Greg o r i i, het Liber sextus, de Clementinae en Extravagant es vormen tezamen .het Corpus Juris Canonici. Onder Paus Pius X kwam een nieuwe codificatie van het kerkelijk recht tot stand, welke is geworden de Codex juris canonijci van 1917, in 1918 in werking getreden.

't Canonieke recht bewoog zich ook op het gebied van het strafrecht en heeft daarop grooten invloed gehad, niet in het minst door zijn opvatting van het misdrijf als zonde, waartegen ook de kerk heeft te reageeren.

2) Over de ontwikkelingsgeschiedenis van het strafrecht zie men Simons I blz. 37 e.v. en de daar aangehaalde schrijvers.

Sluiten