Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GESCHIEDENIS VAN HET STRAFRECHT

43

Art. 3 bepaalt, dat op 1 Jan. 1918 zullen zijn afgeschaft:

a) Het wetboek van strafrecht voor Europeanen in Ned.Indië, in werking getreden op 1 Jan. 1867.

b) Het idem voor Inlanders, i.w.g. op 1 Jan. 1873.

c) Het Algemeen Politiestrafreglement voor Europeanen in Ned.-Indië en

d) Het idem voor Inlanders,

beide laatste tegelijk met de wetboeken sub a) en b) ingevoerd.

Vervolgens vinden wie in art. 3 al. 1 sub e) een stilzwijgende afschaffing. Bepaald werd n.1., dat de strafbepalingen,1) alsmede alle bepalingen van algemeen strafrechtelijken aard, voorzoover die voorkomen in bijzondere algemeene verordeningen door den Koning of den G. G. vastgesteld en voorzoover ze dateeren van vóör 19 December 1916, zullen zijn afgeschaft, tenzij ze in de Inv. Ver. uitdrukkelijk zijn gehandhaafd. In verband hiermee vindt men in art 6 een lange lijkt (277 nummers) van bijzondere algemeene verordeningen met bijzondere vermelding van de strafbepalingen en de bepalingen van algemeen strafrechtelijken aard, die uit die wettelijke regelingen van kracht blijven.2) Resumeerende kan dus worden gezegd: alle strafbepalingen en bep0. van algemeen strafrechtelijken aard, voorkomende in KBen en Ordonnanties met vroegere dagteekening dan 19 December 1916 en niet uitdrukkelijk gehandhaafd in één van de nummers van art. 6, zijn met inwerkingtreding van het nieuwe strafwetboek op 1 Jan. 1918 komen te vervallen.3)

De wetgever ging van de onderstelling uit dat de bepalingen van het nieuwe Swb. omtrent het strafstelsel niet aanstonds

i) Onder strafbepalingen dienen we hier alleen te verstaan de strafbedreigingen, niet de normen, d.z. de gebods- en verbodsvoorschriften tot handhaving waarvan ze dienen. Dit kan verreikende gevolgen hebben bijv t a,v. de reglementeerende bevoegdheid van de locale raden, omdat waar die normen, zij het ook niet langer strafrechtelijk gesanctionneerd, van kracht zijn gebleven, regeling der stof door den localen wetgever niet mogelijk is. . v j

s) Bij die artt. werden tevens de wijzigingen m de verschillende gehandhaafde bepalingen opgenomen. .Art. 7 Inv. Ver. geeft dienaangaande algemeene voorschriften. .. _„ , , ...

3) Bij Arr. H. G. H. dd. 31 Juli 1918 T. Dl. 111 blz. 376 werd beslist, dat de bepaling van art. 10 Sv. door de inwerkingtreding van het nieuwe Wetboek v. Strafrecht als vervallen moet worden beschouwd. Anders v. K.v.J. Batavia dd. 2 April 1918 T. t.a.p. Zie ook naschrift.

Sluiten