Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET STRAFBARE FEIT

83

met de norm strijdig handelen gevaar oplevert of kan opleveren, hetzij voor eenig speciaal rechtsgoed, hetzij voor de rechtsorde in het algemeen, terwijl hier echter niet een in casu bestaand gevaar behoeft te worden aangetoond. Deze laatste feiten nu worden door sommige schrijvers met den naam politie-onrecht bestempeld.1) Als voorbeeld daarvan kan dienen art. 496, waar strafbaar wordt gesteld degene die zonder verlof van het Hoofd van het plaatselijk bestuur enz. eigen onroerend goed in brand steekt.

§ 15. Hoofdverdeeling der strafbare feiten: misdrijven en overtredingen

A. VROEGERE VERDEELINGEN: CRIMINEEL EN POLITIEONRECHT

In strafwetgeving en strafrechtswetenschap heeft er ten allen tijde een streven bestaan om te komen tot een groote algemeene verdeeling van alle met straf bedreigde normovertredingen. Het Ned. Swb. vöör 1886 kende in overeenstemming met de C. P. een drieledige onderscheiding, n. 1. die in m i s d aden, wanbedrijven en overtredingen,2) welke verdeeling niet op eenig beginsel berustte, doch slechts afhing van de zwaarte van het strafbare feit, op haar beurt weer bepaald door den aard en duur van de bedreigde straf.

Het thans afgeschafte Indische wetboek kende slechts een

i) Onder dezen behoort Prof. Frank, die van het „Polizei-ünrecht" de volgende omschrijving geeft: het is „eine solche Handlung zu deren Thatbestand weder die Verletzung noch die G ef&hrdung notwendig gehort, die aber wegen der möglicherweise in ihr liegenden Gefahrdung oder wegen ihres Widerspruches mit der guten Ordnung der Gemeinwesens unter Strafe gestellt ist".

De onjuistheid dezer onderscheiding springt aanstonds in het oog, als men bedenkt, dat er eenerzijds strafbare feiten zijn, die onbetwistbaar het karakter van misdrijven dragen, waarbij niettemin voor de strafbaarheid niet het bewijs van een in concreto bestaand en aanwijsbaar gevaar gevorderd wordt (o. a. art. 160, opruiing en art. 209, omkooping), terwijl aan den anderen kant er tal van als overtreding beschouwde strafbare feiten zijn, waarbij een onmiddellijk gevaar voor een bepaald rechtsgoed aanwijsbaar is (art. 489, straatschenderij, en art. 497 sub 2, „dat daardoor brandgevaar kan ontstaan".)

a) In de C. P.: crimes, délits en contraventions, in de Duitsche strafwet: Verbrechen, Vergehen en Uebertretungen.

Sluiten