Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

180

POGING, DADERSCHAP EN DEELNEMING

gegeven ambtelijk bevel bij het vervuld zijn van de ia art. 51 sub 2 gestelde voorwaarden, c) iemand die niet strafrechtelijk aansprakelijk is, omdat hij' in dwaling verkeerde omtrent een der elementen van het strafbare feit of wel het voor het delict gevorderde opzet miste.

Eenige voorbeelden van doen plegen:

I A brengt B onder hypnose en gelast hem in dien toestand Cs horloge weg te nemen. B is niet strafbaar, Want hij heeft gehandeld in een toestand van onbewustheid, het vereischte opzet ontbreekt. A wordt echter gestraft wegens het doen plegen van diefstal.

II A houdt een arit in zijn hand en staat met B te spreken. C komt voorbij, grijpt A's hand en duwlt die met kracht naar voren, zoodat de arit in het lichaam van B dringt en dezen zwaar verwondt. A is niet strafbaar, omdat zijn handelen niet de uiting Was van een bewusten wil, maar een reflexbeweging. C is strafbaar wegens het doen plegen.

Een dergelijk geval wordt gewoonlijk als een voorbeeld van „doen plegen" gegeven, intusschen lijkt het me juister hier te spreken van „plegen," omdat A door C eenvoudig als werktuig werd gebruikt. Aldus ook Noyon aant. 4 ad art. 47.

III A draagt aan B, zijn huisjongen, op een zeker voorwerp weg te halen; de laatste, niet wetende, noch kunnende vermoeden, dat bedoeld voorwerp niet aan zijn meester toebehoort, neemt het wieg. B is niet schuldig, omdat hij' in dwaling verkeerde omtrent een der elementen van het strafbare feit. A: zal zich echter schuldig maken aan het doen plegen van diefstal.

Soms veroorzaakt het eenige moeilijkheid de juiste grens tusschen doen plegen en uitlokking vast te stellen, bijv. A staat met een geladen revolver voor B en dreigt hem te zullen neerschieten, indien hij het huis van C niet in brand steekt. Voldoet B aan dat bevel dan is hij niet schuldig aan brandstichting, omdat hij zich beroepen kan op overmacht. A maakt zich echter schuldig aan het doen plegen van brandstichting. In het volgende geval zouden we echter niet te doen hebben met doen plegen, maar met uitlokking. A staat met opgeheven hand voor B en dreigt hem met een pak slaag, indien

Sluiten