Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

184

POGING, DADERSCHAP EN DEELNEMING

2o omdat bij medeplichtigheid het maximum der hoofdstraffen met een derde wordt verminderd, de doodstraf en levenslange gevangenisstraf vervangen worden door gevangenisstraf van ten hoogste 15 jaren,

3o omdat, naar art. 60 bepaalt, medeplichtigheid aan overtreding niet strafbaar is,

4o omdat bij verschillende strafbare feiten samenwerking van meerdere personen als daders strafverzwaring tengevolge heeft (vgl. de artt. 170, 214, 363 sub 4, 365 2o en 460).

Hl. OBJECTIEVE EN SUBJECTIEVE THEORIE

Het onderscheid tusschen mededaderschap en medeplichtigheid wordt door de geleerden in verschillende richting gezocht. Naar de eene leer (groep der objectieve deelnemingstheorieën) vindt het onderscheid zijn grondslag in de objectieve zijde van het strafbare feit, de beslissing wordt dus gezocht in de allereerste plaats in den aard der verrichte handeling; voor mededaderschap is noodig dat men rechtstreeks deelneemt aan een handeling, die tot de elementen van het delict behoort óf anders geformuleerd, dat men een handeling verricht, die tot de uitvoeringshandelingen van het delict behoort. Naar de andere leer (groep der subjectieve deelnemingstheorieën) moet het onderscheid steunen op de subjectieve zijde van het strafbare feit, gevraagd moet allereerst worden naar het opzet van den deelnemer; bestond bij dezen het opzet om mede te Werken aan de totstandkoming van het strafbare feit, dan hebben we te doen met mededaderschap; bestond bij hem alleen het opzet tot hulpverleening, dan is er sprake van medeplichtigheid.*)

Naar een derde theorie moet ter oplossing van dit vraagstuk zoowel op den aard der verrichte handeling als op het opzet gelet worden.

*) Naar een andere formuleering van de subjectieve theorie handelt de mededader bij het verleenen van zijn medewerking in zijn eigen belang, beschouwt hij de onderneming als de zijne, in tegenstelling met den medeplichtige, die handelt ter behartiging van eens anders belang en de onderneming als die van anderen beschouwt. Zie omtrent dit punt blz. 177 noot.

Sluiten