Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

276

RECHT TOT STRAFVORDERING!

opgenomen gezegd worden, dat die over hetzelfde feit loopt als de eerste? In ontkennenden zin Simons I blz. 313, bevestigend daarentegen werd die vraag beantwoord bij Arr. H. R. 7 Nov. 1904 W. 8138.

Met betrekking tot de Indische strafrechtspleging moet echter in dit verband nadrukkelijk gewezen Worden op de artt 154 Sv. en 282 I R.1). Indien de landraadspresident (c. q. de officier van justitie) oordeelt, dat de tenlastelegging behoort te Worden gewijzigd, is hij daartoe bevoegd, ook al doet zulks het ten laste gelegde van een niet strafbaar in een strafbaar feit veranderen; wijzigingen echter, als gevolg waarvan de tenlastelegging niet langer hetzelfde* feit, in den zin van art. 76 W. v. Str., zou inhouden, zrjn niet toelaatbaar. Het aanbrengen van alle wijzigingen, het herstellen van fouten, uitvallingen en misstellingen is dus mogelijk, mits het gevolg daarvan maar niet is, dat de tenlastelegging over een ander materieel feit gaat loopen.

Tenslotte kan de acte van verwijzing (dagvaarding) ook aangevuld worden met verzwarende omstandigheden (bv. recidive), welke eerst uit het onderzoek ter terechtzitting zijn gebleken (154 lid 1 Sv. en 282 lid 1 I. R.).

Stellen we het geval, dat A ten laste is gelegd 's middags omstreeks 1 uur eenige kains van C te hebben gestolen; tijdens het onderzoek voor den landraad blijkt echter, dat de diefstal is gepleegd 's nachts en in de door C bewoonde woning. Bestond art. 282 I. R. nu niet, dan zou vrijspraak moeten volgen en een nieuwe vervolging tegen A op een gewijzigde acte van verwijzing zou op art. 76 W. v. Str. afstuiten. Nu behoeft de landraad echter niet alleen niet vrij te spreken, maar de acte van verwijzing kan worden gewijzigd en aangevuld met de woorden „1 uur 's nachts" en „uit de door C bewoonde woning", zoodat wegens gequalificeerden diefstal (art. 363 sub 3) kan worden veroordeeld.

i) Bij Stbl. 1919 No. 10, jo 1920 No. 498 is art. 246 I. R. komen te vervallen en werden de artt. 273 I. R. (thans art. 282) en 154 Sv. gewijzigd.

Sluiten