Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

45

van 's-Gravenhage, van J. de Riemer, was er echter niet veel meer van overgebleven dan de muurblok die er tegenwoordig nog staat.

Maar het was de Staten niet uitsluitend te doen om het bezit van het Kerkgebouw, veel meer om de kerkelijke bezittingen, waar ze, zooals we vroeger zegden, bij Besluit van 23 Maart 1579 beslag op hadden gelegd.

De aan het oude geloof trouw gebleven functionarissen weigerden echter de desbetreffende stukken af te geven. Ook hierover werd een zeer vinnigen strijd gevoerd, zooals duidelijk blijkt uit het volgende schrijven van 19 Augustus 1580, waardoor de Staten met geweld aan de zaak een einde maakten:

„De Staten van Holland verstaan hebbende, dat den Ontfanger Cornelis van Coolwijk in 't volkomen en achtervolgen van sijnen last en commissie van den 23 Maart 1579 en den 7 Juni laetsleden, aengaende den ontfang van de goederen van de Kerke tot Eykenduynen en de Cruysgilde aldaer by de Kerkmeesters, Cruysmeesteren en H. Geestmeesteren van Eykenduynen groote obstacle en onwilligheden worden gedaen en bewezen, zulcx dat deselve hen ook niet ontzien by verschelde acten te protesteeren van oppressien, geweiden en atrose injurien, hen te verzetten tegens d' insinuatien, sommatien en gyselingen, die by den Ontfanger voorn, gebruykt moeten worden, omme te komen tot kennisse en ontvang der selve goederen en daarenboven dezelve gyseling te violeren tot groote verachtinge van de Staten, hebben als nog den voorn. Ontfanger expresselyk belast en geordinneert by de voorn, wegen en middelen, ook van apprehensie, is het nood, te procederen ter tyd toe deselve Ontfanger sal hebben gerecouvreert alsucke Registeren en blaffaerden, brieven en andere munimenten daer toe dienende, als de voorn. Kerkmeesters en Kruysmeesteren ofte haere gecommitteerde Rentmeesters eenigszins onder hen sullen mogen hebben, of sullen weten te bekomen, als ergens by haere kennisse verborgen zynde; en ingevalle de voorn. Kerk-

Sluiten