Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

212

DE RENAISSANCE

grens van het werkelijke en het mogelijke. Terwijl Rabelais over opvoeding geschreven had, weinig denkend aan de onntiddelhjke toepassing van zijn theorieën, hield Montaigne steeds een bepaald praktisch doel voor oogen.

Tevens is hij op verschillende wijzen radicaler dan Rabelais, in het bijzonder door de geheele afwijzing van het bijgeloof der Renaissance, waartoe de oudere schrijvers overhelden, dat de wetenschap het voornaamste in het leven is en om haar zelfs wil veel waarde heeft. Montaigne is een groot voorstander van de nuttigheidsleer. De opvoeding is geheel en al voor het leven en, tenzij vermeerdering van wetenschap tegelijkertijd vermeerdering van wijsheid met zich meebrengt, is het niets anders dan onnutte bagage. „Tenzij onze geest beter wordt en ons oordeel gezonder door wat wij leeren, had ik liever, dat mijn leerling zijn tijd aan tennisspel besteedde". Dat een mensch moet leeren, om zichzelf te leeren kennen en goed te leven en te sterven, dat is zijn opvatting over het doel van alle opvoeding, die zoo genoemd mag worden.

Zooals Michelet heeft aangetoond, was hij de eerste schrijver, die de aandacht van den leermeester afwendde van het onderwerp, dat onderwezen moet worden, naar dén leerling; van de geleerdheid naar de persoonlijkheid van den pupil.

Wetenschap zonder meer, die hij „pédantisme noemt, die soort van wetenschap, die men dl boeken verzamelt, veracht hij en maakt hij belachelijk.

Hij prijst Sparta ten koste van Athene, immers

Sluiten