Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

119

denken omdat het niet doordringt tot een principieel onderzoek en een, zooveel noodig en mogelijk, principieelen ombouw van bestaande eigendoms- en machts-verhoudingen, een soortgelijk bezwaar moeten wij dan wel hebben ook tegenover het orthodoxe Protestantisme zooals het is opgetreden in de historie en optreedt maar al te vaak ook in het heden.

Want Luther, Zwingli en Calvijn waren voor hun deel de leiders mede van de groote maatschappelijke, geestelijke, godsdienstige vrijheidsbeweging van de zestiende eeuw, maar in hunne belijdenissen verstarde deze beweging welhaast tot nieuwe onverdraagzaamheid en ook hunne Protestantsche staatskerken werden tot nieuwe belemmeringen en dwangmiddelen voor de godsdienstige en staatkundige vrijheid. En waar, bijvoorbeeld, Luther in de dagen van den Duitschen boerenkrijg eerst hartelijk voor de boeren pleit: „dit oproer", zegt hij, „hebben wij het meest te danken aan de blinde bisschoppen, de dolle papen, die tegen het Evangelie razen en tieren, en ook aan de heeren die knellen en kwellen om zelf in pracht en praal te kunnen leven," daar wendt hij zich straks even nadrukkelijk en in beginsel tegen die boeren zelve: „geen enkel'' vanhunne „twaalf artikelen'' „slaat op het Evangelie; veeleer loopen zij alle over wereldsche dingen." Het artikel over de tienden is enkel roof en diefstal, want de tienden behooren aan de overheid. Gij spreekt daarin als waart gij reeds heer en meester in het land. Laat af, laat af. En

Sluiten