Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hfdst. VIII § 6 60

In den laatsten tijd heeft dit punt .vooral de aandacht getrokken in verband met de vraag of aan een onderwijzeres bij huwelijk al of met ontslag kan worden verleend alleen op grond van de omstandigheid dat zij in het huwelijk getreden is. Bij het koninklijk besluit van 16 Februari 1909 (st.bl. no 51) is overwogen, dat het in den regel gewenscht is aan een onderwijzeres, die een huwelijk aangaat een eervol ontslag te verleenen, doch als daartoe ten tijde van het aangaan van een huwelijk geen voordracht is gedaan en geen besluit is genomen, dan gaat het niet aan na haar huwelijk een onderwijzeres te ontslaan, omdat uit haar huwelijk kinderen worden geboren vermits zwangerschap en bevalling natuurlijke gevolgen van het huwelijk zijn en het in strijd is te achten met de goede zeden, de handhaving van een onderwijzeres in haar betrekking te verbinden aanf kinderloosheid van het huwelijk. Ook bij beschikking van 23 Februari 1909, no. 1410 0 is door den minister van binnenlandsche zaken hetzelfde standpunt ingenomen. Een afwijkend standpunt vindt men in een decisie van den dimster van onderwijs, kunsten en wetenschappen van 11 December 1919') waarin overwogen wordt dat de gronden, waarop een ontslag gegeven wordt, voor elk geval op zichzelf moeten worden beoordeeld; dat dus door eert gemeenteraad niet a priori als algemeenen regel mag worden aangenomen, dat aan onderwijzeressen, die een huwelijk aangaan, ontslag zal worden verleend omdat zoodanige algemeene regel het onmogelijk zou maken voor elk geva op zichzelf na te gaan of het geven van ontslag in dat bepaalde geval m het belang van het onderwijs zou zijn en dat bij de beoordeeling van elk op zichzelf staand geval een gemeenteraad zich echter wel mag plaatsen op het standpunt, dat handhaving van een gehuwde onderwijzeres m de openbare lagere school in het algemeen slechts dan kan geschieden, indien zeer bijzondere omstandigheden dit rechtvaardigen. Tijdelijke In de tijdelijke waarneming der door schorsing, ontslag of ontotentems waarneming. Mn ^ gemeenteschool opengevallen plaats hetzij van hoofd, hetzij yan een ander onderwijzer, wordt door burgemeester en wethouders na overleg met den inspecteur voorzien. Indien in de vervulling, waar het betreft het hoofd der school, niet door den gemeenteraad is voorzien binnen zes maanden, nadat de plaats is opengevallen, geschiedt zulks door gedeputeerde staten na voorafgaand vergelend onderzoek naar de geschiktheid der candidaten. Ingeval van tijdelijke verhindering kan, op gelijke wijze als ingeval van schorsing, ontslag of ontstentenis, in de waarneming worden voorzien, doch dit is voor dat geval niet gebiedend voorgeschreven. De voorziening in de tijdelijke waarneming aan scholen, uitsluitend van rijkswege be-

i) Gemeentestem no. 2997. Weekbl. bond gem.ambt. no. 397. *) Weekbl. bond gemeenteambt, no. 963.

60

Sluiten