Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

127 Hfdst. VIII § 12

In de memorie van toelichting werd gezegd, dat in overeenstemming met het doel der commissie haar samenstelling er op berekend behoort te zijn, dat de verschillende groepen van meestbelanghebbenden bij het onderwijs er in vertegenwoordigd zijn en dat zij uit een klein aantal personen bestaat.

In de praktijk rijzen ten aanzien van de samenstelling der commissie voor zooveel daarbij rekening gehouden moet worden met deze wetsbepaling meerdere vragen.

In gemeenten, waar alleen openbare of bijzondere scholen zijn, zijn er maar drie categorieën, waaruit de commissie samengesteld kan worden. Daar in zoodanig geval de commissie ook uit ten minste vijf leden moet bestaan, zal het wenschelijk zijn dan de commissie uit zes leden te doen bestaan.

Zijn er zoowel openbare als bijzondere scholen, dan dient het aantal leden bepaald te worden op vijf of een veelvoud van vijf, hoewel de wet dit niet verplichtend stelt. Wordt hieraan niet de hand gehouden dan zal men bij de benoeming van de leden, van welke er meer dan vijf of een veelvoud van vijf in de commissie zitting zullen hebben, door de wet aan geen enkel voorschrift gebonden zijn.

Op een vraag in het voorloopig verslag der tweede kamer gedaan of uit de uitdrukking „overige meerderjarige inwoners der gemeente" moet opgemaakt worden, dat een als zoodanig benoemd lid der commissie zijn lidmaatschap ziet vervallen, wanneer een zijner kinderen de Jagere school gaat bezoeken, heeft de minister bevestigend beantwoord. Dit moet ook gelden voor de overige categorieën, waaruit de leden der commissie gekozen zijn.

Behoudens het aangestipte is de gemeenteraad door de wet niet gebonden, waar hij bij plaatselijke verordening de inrichting en samenstelling der commissie van toezicht gaat regelen.

Onder meer zal deze verordening voorschriften moeten bevatten omtrent: het aantal leden, waaruit de commissie zal bestaan; door wie en het tijdperk, waarvoor de leden der commissie worden benoemd en den rooster van aftreding, tenzij men er de voorkeur aangeeft de leden voor hun leven te benoemen; den tijd binnen welken in een vacature moet voorzien worden; of er al of niet een aanbeveling van burgemeester en wethouders of van de commissie zelf zal zijn; schorsing en ontslag der leden; het voorzitterschap en het secretariaat der commissie; eenige regels voor de vergaderingen der commissie, tenzij men die aan een huishoudelijk reglement ter regeling overlaat.

De vraag heeft zich voorgedaan of in deze verordening op de inrichting

l

t

t

Andere bepalingen voor de inrichting en samenstelling der commissie van toezicht.

127

Sluiten