Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

237

Hfdst. IX § 2

plichtigen leeftijd valt, niet als leerling eener lagere school is ingeschreven en geen huisonderwijs geniet, zonder dat een grond van vrijstelling ingevolge art. 7 dier wet aanwezig is, dan doen zij — gelijktijdig met de kennisgeving daarvan aan de commissie tot wering van schoolverzuim — aan den inspecteur opgave van den naam en de voornamen van dat land, met aanwijzing van zijn geslacht, van zijn datum van geboorte, van zijn plaats van werkelijk verblijf en van de ten aanzien van het verstrekken van lager onderwijs aan dat kind aansprakelijke personen.

Door het bovengenoemde zijn voldoende gegevens verzameld om na te kunnen gaan door welke kinderen absoluut school- en leerverzuim wordt gepleegd. De administratieve procedure, welke na het ontdekken van absoluut school- en leerverzuim gevolgd moet worden, komt volgens art. 18 der wet in hoofdzaak op het volgende neer.

Bevindt de inspecteur dat kinderen, die in den leerplichtigen leeftijd vallen, niet als leerling eener lagere school zijn ingeschreven en geen huisonderwijs genieten, zonder dat een grond van vrijstelling ingevolge art. 7 aanwezig is, dan geeft hij daarvan kennis aan de commissie tot wering van schoolverzuim.

Binnen acht dagen na ontvangst dezer kennisgeving stelt de commissie een onderzoek in naar de reden, waarom door de ingevolge art. 1 der wet aansprakelijke personen niet aan hun verplichting is voldaan. Zooveel mogelijk worden de aansprakelijke personen door haar gehoord.

Van den uitslag van het onderzoek geeft zij den inspecteur ten spoedigste schriftelijk kennis met mededeeling, welken persoon zij voor het verzuim in de eerste plaats aansprakelijk houdt en waarom. Zij voegt daarbij haar advies, op welke school het kind ambtshalve is in te schrijven. Bij de keuze dier school wordt met den wensch van den belanghebbende, indien daarvan blijkt, zooveel mogelijk rekening gehouden.

Blijkt den inspecteur uit het rapport der commissie, dat de aansprakelijke personen in gebreke zijn gebleven, aan de verplichting van art. 1 der wette voldoen, dan zegt hij een of meer hunner schriftelijk aan, dat het kind ambtshalve als leerling eener lagere school wordt ingeschreven, dat daarmede de administratieve behandeling hunner overtreding is afgesloten, en dat zij bij niet nakoming hunner verplichting- om te zorgen voor geregeld schoolbezoek te dier zake strafrechtelijk zullen worden vervolgd. De administratieve voorschriften, welke bij relatief schoolverzuim moeten toegepast worden alvorens proces-vervaal wordt opgemaakt als het verzuim gepleegd wordt binnen zes maanden na den dag, waarop het kind als leerling plaats nam of had kunnen plaats nemen, gelden voor dit geval niet.

Zoo spoedig mogelijk draagt de inspecteur zorg, dat het kind ambtshalve

De procedure bij absoluut verzuim.

Sluiten