Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

289

Hfdst. XI § I

bij het oprichten van inrichtingen, welke gevaar, schade of hinder kunnen I veroorzaken." De wet kan blijkens art. 33, worden aangehaald onder den I titel van „hinderwet".

I Belangrijke wijzigingen en aanvullingen werden in de hinderwet gebracht bij de wet van 4 September 18% (st.bl. no. 152), strekkende om verband te brengen tusschen de in 1895 tot stand gekomen veiligheidswet *) en de hinderwet. Dit was noodzakelijk; immers, de uitvoering der hinderwet zou ten gevolge kunnen hebben, dat de belangen van de persoon, in de inrichting werkzaam — met wier belangen zich de hinderwet niet, de veiligheidswet wel inlaat — meer of minder werden opgeofferd aan de belangen der omgeving van de inrichting, voor welke belangen het gemeente| bestuur bij en door de uitvoering der hinderwet heeft te waken. Ook de industrieelen zouden hiervan nadeelige gevolgen kunnen ondervinden, als bijv. na het verleenen der vergunning krachtens de hinderwet het districtshoofd der arbeidsinspectie met het oog op de belangen der werklieden, wijziging voorschreef, zou daardoor een nieuwe vergunning noodzakelijk kunnen worden, hetgeen in elk geval tijdverlies zou veroorzaken. Door nu te eischen, dat het districtshoofd van te voren over de ingediende stukken | zijn oordeel moet uitspreken, en bij een ongunstig oordeel de vergunning door 1 burgemeester en wethouders moet worden geweigerd, wordt dit voorkomen1). Bij de wijziging van 1901 wefd aan art. 4 het sub 3°. vermelde toegevoegd (waarover later meer) ,en bij die van 1907 werden de inrichtingen 1 gedreven door electromotoren, waarvan het vermogen boven een Zekere grens gaat, in art. 2 opgenomen.

Art. 21 der wet van 4 Sept. 18% (st.bl. no. 152) bepaalt: „Op Onzen last wordt de wet van 2 Juni 1875 (st.bl. no. 95) met de daarin door deze en andere wetten gebrachte wijzigingen en aanvullingen en met inachtneming der in van regeeringswege uitgaande stukken gevolgde spelling in het staatsblad geplaatst." Aan deze wettelijke opdracht is gevolg gegeven bij koninklijk besluit van 15 December 18% (st.bl. no. 222).

Het stelsel der hinderwet is zuiver preventief, zooals al dadelijk uit art. fi 1 blijkt, bij welk artikel het verboden is inrichtingen, welk gevaar, schade ? lof hinder kunnen veroorzaken, op te richten, zonder vergunning, welke p {behoudens de bij de wet gemaakte uitzonderingen door het gemeentebestuur d. i. door burgemeester en wethouders wordt gegeven.

De wetgever heeft zelf bepaald, welke inrichtingen gevaar, schade of Ir [hinder kunnen veroorzaken. In art. 2 der wet zijn deze inrichtingen onder"w 18 groepen gebracht. Bij voorkomende gelegenheden moet art. 2 nauw- hi

x) Zie par. 9 van dit hoofdstuk. Adm. recht III

[1 i

t i 1 t

Het stelsel

der hinderwet is zuiver preventief.

Inrichtingen, welke gevaar, schade of hinder kunnen veroorzaken.

Sluiten