Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

is meer dan twijfelachtig. Zooiets wordt in het Nieuwe Testament evenmin bepaald als bij de oudste kerkvaders vermeld. Christus behoefde trouwens Zijne gemeente niet op meer dan één rots te gronden. De zoogenaamde „opvolgers" van Petrus, de pausen van Rome, hebben dikwijls meer aanleiding gegeven om op zich toepasselijk te maken dat andere woord, door Jezus tot Petrus gesproken: „Ga weg achter Mij. Satanas! gij zijt Mij een aanstoot; want gij verzint niet de dingen, die Gods zijn, maar die der menschen zijn", dan bovengenoemde zaligspreking, welke in elk geval alleen kan slaan op iemand, die Christus belijdt. En daaruit blijkt ook stellig, dat het niët de mensch, maar de belijdenis van Christus is, die een bindende en ontbindende macht heeft in hemel en op aarde. Zoodra Petrus aan zijne belijdenis ontrouw werd (zie ook Galaten 2 :11 — 16) had hij geen volmacht meer te binden of te Ontbinden-, hoeveel minder een wereldsche paus!

Feitelijk is het de prachtvolle organisatie van het Romeinsche Rijk, die na den val van dat Rijk de kerk heeft overgenomen. Vandaar de Paus (in plaats van den Caesar te Rome) als hoofd der Christenheid. Vandaar de verschillende rangen en waardigheden, van kardinaal tot kapellaan. Vandaar de wereldsche politiek. Vandaar de wereldlijke heerschappij der pausen vele eeuwen lang, met kerkdijken staat, met militaire machtsmiddelen, thans aan den paus tegen diens zin ontnomen.

Eeuwen lang heeft de paus zich voor de heerschappij over uitgestrekte gebieden beroepen op een vervalscht stuk uit de Middeleeuwen, de zoogenaamde Donatio Constantini, een schenking van Constantijn, die nooit bestaan heeft. Wanneer de Roomsche organisatie der wereldmacht van den paus in de war ge-

Sluiten