Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gegeven (wordt) laat voor Holland niets hoopen en is voor België noodlottig.

„Aan den gang die de Vlaamsche Beweging in België neemt verwacht ik voor Holland's letterkunde niets goeds: zij heeft geen ander belang voor ons dan de bevrediging eener his* torische nieuwsgierigheid."

(Briefwisseling van Bakhuizen van den Brink — Mr. S. Muller.)

9) De Franschgezindheid van het Huis Oranje*Nassau is historisch erkend. Zij was reeds aanwezig met Willem de Zwijger. Prins Willem I heeft na het mislukken der onder* neming van 1568 steeds in de eerste plaats hulp van Frankrijk gezocht en heeft, om dit te verkrijgen, meermalen het gezag over een deel en zelfs over alle Nederlandsche gewesten aan Frankrijk aangeboden." Aldus P. L. Muller in zijn schets Prins Willem 1 en Frankrijk.

Men raadplege daarnaast het boek Les Hugenots et les Gueux van Baron Kervyn de Lettenhove.

F. A. Snellaert schreef daarenboven in Het Belgisch Museum over den toestand in de hofhouding van het Oranje* huis rond '30: „Het (Hollandsche) hof was in handel en wandel alles behalve Nederlandsch en 't was het Fransch dat den toon gaf."

Elke bewuste Vlaming herinnert zich verder nog dat H. M. Koningin Wilhelmina, bij haar bezoek aan Koning Albert, te Brussel uitsluitend het Fransch bezigde.

10) „Uit Vlaanderen, of door Vlaanderen, is een groot deel van onze (Hollandsche) beschaving tot ons gekomen."

(De Belgische Omwenteling door Dr. H. T. Colenbrander).

Men leze hierover het belangrijke boek: „De Invloed door Zuid'Nederland op NoordtNederland uitgeoefend op het einde der XVIe en het begin der XVIIe eeuw, door Mr. J. M. Eggen (Gent, Siffer, 1908).

") F. A. Snellaert hierover in het Belgisch Museum: „Zoo

96

Sluiten