Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i3«

GRIEKSCHE WIJSBEGEERTE.

wereld der objecten kan geven. Des te ijveriger zocht men die kennis door het denken te bereiken. Wat was nu het resultaat van die pogingen ? Verschillende systemen die in de gewichtigste onderdeden met elkaar in strijd waren en toch alle beweerden de door zuiver denken gevonden waarheid mede te deelen. Ook de ethische overtuigingen, op geen religieusen bodem meer rustend, waren verzwakt en door het verkeer met allerlei vreemde volkeren was men op de relativiteit van de verschillende voor zedelijk gehouden regels opmerkzaam geworden.

Wat was nu natuurlijker, dan dat de vraag naar de mogelijkheid van algemeen geldende kennis, door de sophisten reeds opgeworpen, maar te oppervlakkig en rhetorisch behandeld, opnieuw en nu dringender om oplossing vroeg ? En als men nu bedenkt, dat nagenoeg de geheele oudheid zich niet heeft kunnen losmaken van de meening dat de wetenschap tot het diepste wezen der dingen moet kunnen doordringen en ons kennen een adsequaat afbeelden der objectieve wereld zijn moet, dan is het duidelijk hoe Pyrrho tot de conclusie kwam, dat de ware werkelijkheid waarvan èn de zinnen èn het denken louter valsche voorstellingen gegeven hadden ,,ook door de samenwerking dezer twee bedriegers niet kon gevonden worden". Vandaar beval hij aan, zich van alle stellige bewering aangaande dat wat waarlijk is, te onthouden, alle oordeel op te schorten (epoché) en tegenover de dingen slechts beschouwend (skeptisch), onderzoekend, overwegend, twijfelend te staan. Zoo meende hij ook de in zijn tijd zoo gezochte onwankelbare gemoedsrust (ataraxia) te zullen bereiken. Terwijl de dogmatici beweerden: wij kunnen alleen gelukkig worden, als wij een vaste theoretische kennis hebben, verklaren de skeptici: wij kunnen het geluk en de bevrediging alleen vinden, door theoretisch niets positiefs aan te nemen.

Het kan op het eerste gezicht vreemd schijnen, dat de skeptische argumenten juist bij de school van Plato, de

Sluiten