Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lisme en nam niet de moeite grondig, signifisch, na te gaan waaroover men sprak.

Men noemde Socialisme het ingewikkelde, intellekfualis* tische weefsel van economische feiten en ondiepe wijsheid, dat door Marx aan de zoekende waereld is aangebooden, als standaar d*werk en basis voor alle maatschappelijke hei* vorming.

Het socialisme waaroover ik sprak en waarvan ik de kiem aantrof bij de meesten van mijn land* en tijdgenooten — ook zelfs bij hen, die meenden geheel vijandelijk teegenoover het socialisme te staan — was een zaak van verbazenden een* voud. Zoo eenvoudig, dat men haar alleen om de eenvoud niet recht vertrouwde.

Dat Socialisme werd door de weetenschappelijke en in* tellektueele hervormers, de Marxisten, verachtelijk afgewee* zen als „utopisch", „idealistisch" en „anarchistisch".

Het komt, in beknopte formuleering, daarop neer, dat wij door beetere organisatie, zoover moogehjk willen gehoor* zamen, bij al onze handelingen, aan ons intuïtief rechtsbesef.

Zou dit ook bij geval met de „geestelijke waereld der Idealen" hoegenaamd niets te maken hebben?

Men meent, dat dit intuïtieve rechtsbesef bij verschillende menschen zeer verschillend is. Maar dit is een dwaling, die berust op gebrekkige observatie.

De meest verharde kapitalist — laat ons zeggen John. D. Rockefeller — zal toonen, bij een psycho*analyse, vrijwel dezelfde begrippen van recht en onrecht te hebben als ieder normaal mensch. Hij is ook religieus en meent aan de Chris* telijke voorschriften te voldoen. Dat hij er soms zoo ver* vaarlijk teegen zondigt, weet hij niet en begrijpt hij niet, omdat hij geen vrij en oorspronkelijk denker is, en omdat zijn oordeel verdraaid en verward is, door den geest van het sociale milieu waarin hij leeft, en door hartstochtelijke aan* drift Het zou moogelijk zijn hem, door afzondering, door een

134

Sluiten