Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dit nu is een van de meest subtiele drogreedenen des Duivels. De fout er van in te zien, kan ons, zonder hulp van het genade*licht, zeer moeyelijk vallen. Ja, hoe scherp* zinniger men is, des te meer raakt men in valsche redenee* ringen verward.

Men kan in denzelfden dwaalgeest voortgaan en vragen: „hoe het moogelijk is dat een almachtige Schepper schep* selen maakt met foutieve constructie".

Hier past weer hetzelfde antwoord: „God's volmaaktheid en alweetendheid is geheel anders als onze poovere voor* stelling ervan".

Wij kunnen de almacht nooit begrijpen — en verbeelden ons toch, dat die Almacht moet oovereenkoomen met onze kinderlijke menschgedachten.

Inderdaad doet God niets, dat van Goddelijke hoogte bezien, slecht of gebrekkig kan genoemd worden. Wat Hij doet is goed. En de eenige houding, die ons teegenoover Hem past, is die van eerbiedig schuldbesef.

„Schuld?" vraagt ge „waarom schuld?"

Misdreeven wij niet uit zwakte en onweetendheid?

Antwoord: al wat wij hebben kreegen wij van God. Daar* om is ons debet onmeetelijk. Wij begrijpen dit nog niet, omdat wij de schatten, die ons gegeeven zijn, niet kennen en waardeeren. Eenmaal zullen wij de schatten waardeeren, als het dan maar niet te laat is.

Het kan zijn, dat gebeurtenissen ons afschuuwelijk en gruuwelijk toeschijnen, en toch door God, ondanks zijn Almacht, worden toegelaten.

Ons worden soms beproevingen aangedaan, die van menscheüjk gezichtspunt gezien, wreed en onrechtvaardig schijnen.

Maar Gods rechtvaardigheid is niet de onze, naar onze poovere menschelijke begrippen. In vergelijking met God's daden zijn al onze daden slecht,

173

Sluiten