Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

45

Peter hield niet van tante Arabella en wanneer hij haar, ongewasschen en ongekapt, haar buikig lichaam in een bevlekte morgenjapon, rondscharrelen zag in de donkere keuken of wanneer zij, met waaiende veder en ruischende zijde uitging voor een voornaam bezoek, met hoogen boezem het winkeltje doorstevenend, zonder groet voor den bakker en zijn vrouw, die een glimlach vol verstandhouding wisselden, dan voelde hij zijn ongenegenheid soms dermate zich verscherpen, dat hij onhebbelijk werd. En ook wanneer hij haar' na een ganschelijk slapeloozen nacht, ontredderder en verfomfaaider dan gewoonlijk vond en hij zag dikke tranen glijden over haar bolle wangen, dan voelde hij ternauwernood eenig medelijden, al temperde hij zijn wrevel. Dikwijls botsten hun driften tegen elkaar en zij sloegen om het hardst met de vuist op tafel, elkaar overschreeuwend en grovelijk scheldend. Eens, na een dergelijken twist, ging hij met de poes naar zijn dakkamer, waarvan de gouden kaarsschijn dien avond ternauwernood de donkere dreiging van den hollen zolder weerstond. Door het dakraam boven jrijn hoofd zag hij de sterren sidderen in den kouden en vroegen avond en hij hoorde den wind druischen op het dak. Zijn brandende tranen vielen op de witte vacht van de poes, die hem

Sluiten