Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

121

wolken boven den klaren vijver, waarin de witte zwanen roerloos dreven en grijsblauw rustte de hemel boven de kalme stad. Temidden van hun geleerd gesprek werden zij toen gegroet door een jongen van weinig aanzienlijk voorkomen, die met linksch gebaar zijn pet had gelicht en Dr. Rupius had verteld, dat dit nu de kleinzoon was van Floris Roelof Scanderbergh.

— Och... had oom Sijmen geantwoord en met deelnemende belangstelling had hij omgekeken naar den schuwen en goren knaap, die zich met haastige stappen verwijderde. Dan had hij naar des rectors bevindingen omtrent Peter als leerling gevraagd. Dr. Rupius had geantwoord, dat hij hem verdacht veel beter te kunnen, maar dat hij blijkbaar niet bijster wilde. Nu was lüj een middelmatig leerling, waarvan eigenlijk niets bijzonders te vertellen viel. Alleen zijn gedrag werd door de leeraren eenstemmig geprezen; hij scheen geen vrienden te hebben en veel te houden van lange, eenzame wandelingen. Dr. Rupius verklaarde, dat hij hem genegen was en dat hij een ander tehuis voor hem gewenscht zou hebben, dan dat der dwaze tante, die wel eens met ruischende zijde en wuivenden veder een inval gedaan had in znn vreedzaam studeervertrek, alwaar zij overigens meer over het hof van wijlen haar vader, den

Sluiten