Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

159

in de stilte van het bosch. Dus was hij teruggekeerd, verheugd straks in zijn dakkamer het zingen der goten weer te zullen hooren. Weldra klonken zijn stappen opnieuw in de leege winkelstraten, waar de uithangborden knarsend heen en weder zwaaiden op de natte vlagen, terwijl achter de vensters hunner eerste verdieping de winkeliers mistroostig het spatten van den regen op het glimmend plaveisel volgden. Toen hij in de Turfstraat draalde voor de glazen winkeldeur, om den huissleutel uit zijn zak te halen en hij toevalligerwijze naar boven keek, zag hij het bolle gezicht van tante Arabella in het wankel spionnetje en hij verwonderde zich over den leegen blik, waarmede zij hem aanzag. Hij meende eerst, dat zij hem niet herkende en bewoog zijn hand ter begroeting. Zij knikte toen, maar zonder dat eenige uitdrukking haar blik verlevendigde. Hij opende, maar instêe van dadelijk naar zijn dakkamer te klimmen, trad hij, zonder te weten waarom, binnen bij tante Arabella. Zij zag hem even aan met een blik, waarin nu eenige verwondering opleefde, keek toen weer naar buiten. Hij ging zitten bij de tafel; een stilte heerschte.

Zij zat als gewoonlijk in haar morsige kamerjapon, achteloos en lusteloos in elkaar, op de versleten en verschoten kussens van een ouden, ge-

Sluiten