Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

184

Een lange, magere gestalte stond naast de schrijftafel, waarop hij met een vuist steunde, in het midden van het vertrek. De geelomkapte lamp hing zoo laag, dat Peter zijn trekken ternauwernood onderscheidde.

— Grootvader... fluisterde hij.

De lange, magere man strekte hem zijn hand tegemoet, Peter stortte zich voorwaarts en zwijgend drukte beiden elkaar de hand. Een oogenblik beschouwden zij elkaar zonder te spreken; Peter herzag het strenge en trieste gezicht, dat hij als kind zoo gevreesd had. De wallen onder de altijd kalme oogen waren zwaarder geworden, de wangen nog meer dan vroeger ingevallen en de snor, die aan weerszijden der moede lippen neerhing, was geheel wit geworden, evenals het schaarsche hoofdhaar. Een waardige uitdrukking van zelfbewustheid en zelfbeheersching rustte op het gezicht van dezen acht en zeventig jarige, wiens onbewogen, maar doordringenden blik Peter, vreezend doorstond. Dan wees hem zijn grootvader éen der beide clubfauteuils voor den haard en zette zich zelf in den anderen. De blokken knapten in de vlammen en af en toe loeide de wind in den schoorsteen.

— Ik ben zeer voldaan over je vorderingen op school, begon dan Floris Roelof Scanderbergh, ik

Sluiten