Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

232

plompe, maar inderdaad zoo vaardige handen van tante Barbara, ontbloeiden nu onder Inez' niet minder bedreven vingeren de felle en zoete kleuren in harmonische schakeeringen. Voorts had zij geleerd het damasten tafelkleed te vouwen en te persen onder den zuchtenden, krijtenden mangel en als het voorjaar was geworden en de gangen werden opnieuw gekwast door witte mannen op ladders, die zij van jaar tot jaar herkende, ondanks de kalkspatten, waarmede hun gezichten bedropen waren; dan, een plechtigen namiddag, tilden tante Barbara en Inez met behoedzame handen de slippen van het bronskleurig, fluweelen kleed, waaronder de ronde, mahoniehouten tafel schuil ging en met olijfolie wreef Inez het oude meubel in en boende het daarna, totdat het zijn vroegeren luister herkregen had.

Als vroeger in den herfst en des winters, wanneer het weer slecht was, bleven zij theedrinken in de voorkamer; Inez hoorde den regen roffelen of kletteren tegen de ruiten en de droppels vallen met ongelijke tusschenpoozen op de verweerde kozijnen; zij zag de schuiten in den verwaaiden dag stroomafwaarts glijden en de koeien aan den overkant het ontij duldend over zich laten gaan en zij volgde droomend de melodische wendingen van het

Sluiten