Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

294

onder een overzwaren last en, zich lusteloos aan zijn schrijftafel zettend, liet hij, alvorens zijn arbeid te hervatten, zijn moede hoofd langen tijd op zijn armen rusten.

Gozewijn van Leefdaele, het riddertje, dat vroeger kleine Inez op haar gangen naar school en naar huis getrouwelijk placht te vergezellen, was zich als dokter in een der dorpen uit den omtrek komen vestigen en altijd met genoegen hoorde Peter zijn motorfiets stampend en proestend stilhouden voor het huis. En als hij dan binnentrad, een weinig beschroomd altoos, met zijn schelen blik en stillen glimlach en zachten, schoon toch mannelijken handdruk, voelde Peter zich vervuld van dankbare ontroering. Gaarne ook bezocht hij hem in zijn landhuisje en menig beschouwelijk uur sleten zij in de loggia, wanneer de avond daalde over het wijde land, waarin het blaten en loeien van het vee gaandeweg verstomde evenals het schallen en tjuiken der vogels, terwijl de vorschen hun eentonig orgelspel begonnen en de verre tonen eener harmonica dwaalden door de nachtelijke velden.

Tijdens de vacanties van zijn laatste studiejaar had Gozewijn Inez en Erwin veel bezocht. Zij schreven elkaar en soms bracht Gozewijn Peter innige groeten van Inez. Dan werd Peter zeer

Sluiten