Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

39

laat hij enkele Tempelridders in bewaring nemen, echter met de bijvoeging: ze met zachtheid te behandelen.

Aan de koningen van Portugal, Castüië, Aragon en Sicilië, die ook waren aangezocht mede te doen in het complot, schrijft Eduard, dat zij den laster niet moeten gelooven, en aan den paus: „aangezien de grootmeester en zijn ridders bij ons in hoog aanzien staan wegens hun gedrag en levenswijze, kan ik geen vertrouwen hebben in de beschuldiging, vóór ik er de bewijzen van heb". Keizer Albrecht, die in zijn gebied niet te klagen had, was niet te vinden voor een massale gevangenneming in Duitschland. Wel begon de aartsbisschop Burchard van Maagdenburg den meester Frederik van Alvensleben en zijn ridders te arresteeren, maar de paus gelastte hem ze weer in vrijheid te stellen. Arnold de Villanova, de bekende alchemist, schrijft naar Aragon: als de Tempelzaak verbazing wekt, dan is de houding der Christenheid nog opvallender.

Het was niet alleen geldzucht, die Philips dreef. Niet minder was de- haat, de verkropte woede tegen de machtige orde, die hem had gedwarsboomd in zijn eerzuchtige plannen, en hem bij het muntoproer tegen een aanval zijner onderdanen moest beschermen. Tegenwerking had hij ondervonden, toen zij optrad tegen zijn oom Karei van Anjou, en de partij van Aragon steunde in hun twist over Napels en Sicilië, ook bij het zenden van groote sommen aan den paus tegen zijn verbod om goud en zilver uit te voeren.

Van anti-monarchale gevoelens gaven eenige ridders blijk door steun te verleenen aan opstandelingen tegen zijn gezag. Om in zijn te kort in kas te voorzien waren alle middelen

Sluiten