Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

64

Onder de kruisvaarders, die met de Tempelridders naar het Heilige Land trokken ter verovering van Jerusalem, onderscheidden zich de Heeren van Borsele „die grote prijs ende eere behaelden en hieldent seer langhe met ghewelt. Ende aen dese Templier Heren werden veel schoone heerhekheden en erven ghegeven in diverse plaatse van Zeeland, „een schoon huys" (tegenover de abdij te Middelburg op de plaats, waar later de Beurs gebouwd is), de Zandijk bij Veere, de Geersdijk (Noord-Beveland bewesten Cortgene) en te Zierikzee, daer men noch die oude fabryeken ende Mercken af sien mach1).

Gilbert de Ni velles had reeds in 1180 het voorbeeld gegeven door een schenking van 300 maten land bij Oostburg en Wolfert van Borsele heer van Veere enSandenburg, zoon van Hendrik van Borsele en Maria van Egmond, schonk landerijen in de buurtschap Sandijk.

Naar aanleiding van Heussen van Rhijn's bericht van het „overvoeren" van de commanderij van Wijk bij Heusden naar Middelburg, krachtens den bul van paus Eugenius III, wordt door Römer terecht opgemerkt, dat die verplaatsing vermoedelijk betrekking heeft op Wijk een der verdronken dorpen van de heerlijkheid Borselen op Zuid-Beveland aan het Sloe2).

Ridder Gerard van der Maelstede verheugde de commanderij van Zaamslag (Vlaanderen) met een gift van land bij Terneuzen (1282). Hier waren versterkte gebouwen

1) Römer, Kloosters 174; Reigersbergen—Boxhorn, Cronijck van Zeeland U, 32.

2) Heussen, Outheden van Zeeland I, 29; Römer, Kloosters 90, 174.

Sluiten