Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

73

Na te Florence het kapittel te hebben geleid met medewerking van W. Murray, zoon van den hertog van Athol, kwam hij in 1743 in Schotland als „Belfort, grootmeester van de orde in Italië" en maakte onder de voornamen van dat land grooten opgang.

Horace Walpole1) noemt hem in een brief van 9 December 1745 een zonderling, dien de provoost van Edinburg in bewaring heeft gehad „hij is twee jaar hier, wil niet zeggen van waar hij komt en wat hij in zijn schild voert. Hij zingt, speelt prachtig viool en componeert. Sommigen houden hem voor een Italiaan, Pool of Spanjaard, anderen zien in hem een priester, charlatan of edelman met veel juweelen. De prins van Wales doet moeite hem bij zich te zien. Daar niets ten zijnen nadeele kon worden ingebracht heeft hij spoedig zijn vrijheid teruggekregen". Ten slotte toch verdacht de Stuarts te steunen, vertrok hij, — na de la Tour du Pin als kapittel-preceptor te hebben achtergelaten, — weer naar Parijs, en legde maarschalk Belle-Isle een door hem uitgewerkt plan voor om fransche troepen in Engeland te doen landen met platboomde schepen ten voordeele van de Stuart-beweging

Minister Choiseul vertelde later op zijn kasteel Chanteloup, dat Belle-Isle zich in 1759 tijdens den zevenjarigen oorlog nog had willen bedienen van Karei Eduard om de Engelsche strijdkrachten te verstrooien, waartoe de minister dezen uit Rome het overkomen naar Parijs. Choiseul, die weinig ingenomen was met het plan, zou hem te middernacht in het geheim ontvangen, maar de decadente pretendent had zoo zwaar gesoupeerd,

1) Letters (1903) II 161.

Sluiten