Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

91

van de „heroïeke politiek". In den Salon Luxemburg van gravin Rochefort werd in het gezelschap van d'Lïssé, Mirepoix, Nivernais, Gontaut, Duras e.a. een tooneelstuk van den geheimzinnigen graaf Forcalquier gespeeld en de voordeden van een vrijzinnige regeering en van de nieuwe philosophie besproken. Duclos verhaalt er van zijn oosterschen meester Zadig, een Rozekruiser. die den respectabelen leeftijd van 354 jaren heeft bereikt, er uitziet als een jong man en naar het voorbeeld van Lullius het wonderbare mysterie van het „grand oeuvre" heeft volbracht.

Voltaire, de schrijver van „Mahomet" had sedert 1729 betrekkingen aangeknoopt met den raadselachtigen ridder Folard, ijverig propagandist van de macpnnerie in Frankrijk en Engeland. Men mag verwachten dat zijn vrijzinnige beginselen met die van de Tempelarij overeenstemden, al voelde hij weinig voor de aanvangsgraden. Zijn „confrère couronné", toen nog Br.-. Frederik II van Pruisen, noemde hij lieverSalomon du Nord1). Zelf was hij algemeen bekend als Patriarche des Délices en ontving op zijn landgoed in Zwitserland de beaux-esprits van de eeuw. Als een bijzonderheid maakt hij melding van pas ontdekte brieven van Philippe le Bel (uit Melum 1306). waarin deze den graaf van Vlaanderen verzoekt mede te werken aan de uitroeiing van de Tempelieren 2).

1) Catharina II werd gedoopt Semiramis du Nord.

2) Voltaire Moeurs XVI, 287.

Montesquieu, schrijver van 1'Esprit des lois verkondigt de meening, dat het proces, noch de veroordeeling iets bewijzen tegen de Tempelheeren: reeds vóór de beschuldiging waren zij veroordeeld om te vuur en te zwaard verdelgd te worden evenals de eerste Christenen, de Joden en de Hugenoten (Pensees 1901, II, 338).

Sluiten