Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

114

Hij toonde ze ook aan mij met nog een brief van den Graaf de Clermont, die bijzonder welwillend voor hem was en schreef over den dood van den Prins de Co n d é; S. G. zeide aan d'Affry niet een brief, maar een „Mémoire Instructif" te zullen zenden. Het ontwerp daarvan las hij met overtuiging voor, mij telkens aanziende welken indruk het op mij maakte; het is een goed en sierlijk gesteld stuk, waaruit zijn onafhankelijkheid blijkt. Hij glimlachte, en ik met hem, over den indruk, dien het te Parijs zou maken. „Die goede d'Affry", zeide hij, „wil mij zeker bang maken, — mij, die ongevoelig ben voor lof en blaam, voor vrees en hoop en geen ander levensdoel ken dan aan de menschheid zooveel goed te doen als in mijn vermogen is." Hij klaagde over de geringe eenheid aan het Hof van Versailles. Wat de een opbouwt, breekt de ander af. Het gaat er toe als met het wiel, dat slingerend, nu aan de eene zijde, dan aan de andere, een kwart of half slag makend, niet de kracht heeft om een geheele omwenteling te volbrengen. Allen hebben biechtvaders-Jezuïten, maar de Koning biecht nooit, en het is voor de Jezuïten een groot verschil een Koning te hebben, die alle dagen biecht, of een die dit nooit doet.

27 Maart. S. G., die blijkbaar voor mij niets wil achterhouden, zegt, dat hij dien dag vier uur bij den Engelschen Gezant York had doorgebracht, die hem de pas ontvangen brieven van Newcastle, Holderness en Pitt had laten lezen, die voor S. G. uiterst vleiend waren en dat de Koning van Engeland bereid was met hem (als tusschenpersoon) de vredesonderhandelingen te openen, als bleek, dat bij door Frankrijk gemachtigd was. York, kende hij van zijn jeugd af,

Sluiten