Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

121

Hoewel bij zijn ambten en waardigheden bleef bekleeden,l) werd hij door het Hof niet meer geraadpleegd. Aan den nieuwen Raadsman gaf hij duidelijk te verstaan, dat de belangen van het Gemeenebest onvoldoende werden behartigd en de opvoeding van den jongen, toekomstigen Willem V te wenschen over het. De geschiedenis heeft hem in het gelijk gesteld; de natie raakte nog scherper in twee partijen verdeeld: die der patriotten en democraten van het nieuwe regime en die der conservatieve Prinsgezinden, die gesteund werden door de Orthodox-Protestantsche Kerk. De „dikke Hertog", die in vele opzichten een verkeerden invloed uitoefende, moest in 1784 smadelijk het veld ruimen en de Stadhouder verloor macht en aanzien. Ook deze eindigde in 1795 — niet vrijwillig — het land te verlaten, waardoor het Stadhouderschap tot het verleden behoorde.

Bentinck was lid van de hooge of roode graden der vrijmetselarij, die ook in Holland, naar het voorbeeld van de Fransche, de nieuwe denkbeelden voorstonden. Hij sympathiseerde met den deïst Rousseau, en kon tot zijn leedwezen niet verhoeden dat de Dictionnaire philosophique, Lettres de la Montagne en den Emile op last van het theïstische Hof van Holland „door beulshanden op het schavot als Godonteerend verbrand werden en omdat daarin twijfel werd uitgesproken aan de wonderen van den Heiland en de Apostelen."

In 1773 ontving Bentinck bezoek van Diderot, die op weg was naar het Hof van de verlichte autocra te Catharinall, om er een nieuwe grondwet voor het Russische volk te

1) B. was lid der Ridderschap, curator der Leidsche academie, dijkgraaf van Rijnland en had in de Staten van Holland een groot gezag.

Sluiten