Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 132 —

hebben, hoe hij zich juist op die participatie beroemt en voortgaat het groote bedrag aan rente te noemen, dat de Portugeesche Gemeente te Amsterdam uit deze participatie tot ondersteuning harer armen trok.

Ook in Memories aan de Suprema van 1634 en eerder wordt over het aandeel der Marranen in Holland bij de Oost- en WestIndische Compagnie geklaagd se). Uit het feit, dat 21 September 1680 de Staten van Holland op verzoek van Parnassijns bij Resolutie vaststellen, dat de Portugeesche Joden ontslagen worden van de gehoudenheid aangaande hunne belijdenis iets te verklaren, wordt de beteekenis der Staten-resolutie van 1657 nog duidelijker87).

* * *

We mogen wel besluiten met de conclusie, dat evenals de vrijheid, die de Joden hier te lande en in het bijzonder te Amsterdam hebben genoten, in werkelijkheid veel grooter was dan men tot nu toe aannam, ook het aandeel, dat deze Marranen hier en elders voor den opbloei van den handel en zeker van dien van Amsterdam in de Gouden Eeuw hadden, tot nu toe ten onrechte zeer is onderschat. De samenhang van deze beide punten zal, naar ik hoop, door het voorgaande duidelijk zijn geworden, al heb ik met opzet details zooveel mogelijk weggelaten en mij bepaald tot het geven der groote lijnen bij deze vraagstukken.

Met het oog op het Amsterdamsche jubileum dezen zomer (1925) mag de herinnering, aan wat de Joden hier tot de opkomst van Amsterdam in de zeventiende eeuw en later, ook in oekonomisch opzicht hebben bijgedragen, zeker worden vermeld. Merkwaardig toeval, dat dit jubileum samenvalt met het tweehonderdvijftig-jarig bestaan der statige Portugeesche Synagoge alhier, die ook een bewijs te meer is van de kapitaalkracht en offervaardigheid, den durf en cultuur dezer hierheen gekomen Marranen.

Sluiten