Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het de geschiedenis, die hem boeide; hij verzamelde de nieuwsberichten en verwerkte die tot een samenhangende kroniek, een vervolg op de oude Hollandsche kroniek, die met deze voortzetting geregeld weer nieuwe lezers kon vinden. Aanvankelijk waren het Dordtsche en Delftsche uitgevers, die dit groote werk ter perse legden. Later namen ook de Amsterdammers Cornelis Claeszoon en Laurens Jacobsz deel in de zaak. Ellert de Veer heeft behalve de pamfletten en de kroniek nog een groot werk in het licht gegeven, een paraphrasis van Erasmus. Om dat te kunnen doen is hij zelf drukker geworden, een bedrijf dat echter spoedig op een der gezellen, Peeter Gevaerts, is overgegaan.

Eer we de andere groote uitgaven van dezen tijd bespreken, moeten we nog enkele groepen van kleine uitgaven kort vermelden. Volksboekjes en schoolboekjes zijn o.a. door Harmen Jansz Muller en door Cornelis Claesz in 't licht gegeven. Ook op letterkundig gebied komt nu en dan wat in het licht, liedeboekjes in tamelijk groote verscheidenheid. Van Cornelis Claesz. hebben we ook weer eene reeks munthandboekjes. En hij gaf over staatkunde en recht enkele belangrijke boeken van Lipsius, Merula en Damhouder. Een enkele Fransche uitgaaf bezorgde hij met Waesberghe gezamenlijk, een Boccacio in zeer klein formaat. Op 't gebied der klassieke letteren is bij groote uitzondering 't een en ander gegeven door Zacharias Heyns.

Van de allergrootste beteekenis is natuurlijk de bijbeldruk. Heel spoedig na den overgang gaan de Amsterdamsche uitgevers daaraan meedoen. Den doopsgezinden bijbel hebben we reeds van 1582 met adres, van Willem Jansz Buys, den gereformeerden bijbel (zoogen. Bijbel van deux aas) en ook den Liesvelt-bijbei, van de volgende jaren met den naam van Cornelis Claesz. Dan neemt Laurens Jacobsz de zorg voor den gereformeerden bijbel over, deels ook weer door deelneming aan elders gedrukte uitgaven, deels door een eigen uitgaaf met privilege voor zes jaren; ook dezen bijbel trouwens het bij te Haarlem drukken (1590). Hij had er nieuwe kaarten bijgevoegd, door Ds. Petrus Plancius geteekend, waaronder eene wereldkaart, die als eerstelingen van den predikant op het gebied der cartografie van groote beteekenis zijn.

De Bijbel bracht de burgerij aan het lezen en de lectuur

85

Sluiten