Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

namen, die Amsterdam zelf nooit hoorde, klinkt thans de onvolprezenheid tot in alle werelddeelen. Opvattingen, die eens lood-zwaar wogen, vervluchtigden sneller dan te verwachten was. Want juist hetgeen de volgende eeuw aan den bloeitijd dankte, is het minst vruchtbaar gebleken. Deze grondig verschillende 18e eeuw, periode van gezelhgen omgang en verfijnde manieren, vormde ten onzent een kunst van nieuwe aantrekkelijkheid. Minder talrijke talenten vonden in die luchtige interpretatie rustiger en gelukkiger bestaan. En van de 19e eeuwsche schilderkunst, die te Amsterdam den naam Breitner draagt, hoe nauw ook verbonden met de vertrouwde grachtenstad, ze hield zich van overleveringen zoo goed als geheel onafhankelijk.

Het huidige Amsterdam tracht, zij het door late waardeering, het gebrek aan belangstelling goed te maken. Geen offers vielen te zwaar om voor korten tijd uit de verstrooiing huiswaarts te voeren wat nog bereikbaar was. De eeuwenreeks van haar verleden herdenkend, meende de stad hulde te moeten brengen aan velen wier inspanning zij met verwaarloozing vergolden heeft. Nu de kunstwerken terugkeeren in de oude atmosfeer, blijkt het, dat de nieuwe gemeenschap de vroegere apathie heeft afgeschud. Want ai moge dit edele bezit, slechts zorgelijk losgelaten door verre eigenaars en voor een oogenblik op de plaats van oorsprong vereenigd, Hollander en vreemdeling trekken, — den Amsterdamschen bezoeker is het dierbaarder dan ooit.

F. SCHMIDT DEGENEF.

137

Sluiten