Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die niet vooraf bij de commissie, of 2 X 24 uren vóórdat zij aan de orde komen, bij de Kamer zijn ingediend, of die niet bepalingen betreffen, welke na het uitbrengen van het eindverslag zijn gewijzigd, door ten minste 10 leden moeten zijn onderteekend.

De bepaling omtrent verandering van het aanvangsuur der vergaderingen werd aangenomen met 31 tegen 21 stemmen, maar, nadat op voorstel van 16 leden de beraadslaging over het artikel was heropend, werd door den heer de Savornin Lohman zijn voorstel daaromtrent ingetrokken.

De wijzigingsvoorstellen werden, in tweede lezing, op 18 Mei 1909 zonder hoofdelijke stemming aangenomen.

(Hand. 1908—1909, blz. 2283—2299, 2311—2312; 2317— 2318; 2336; bijl. n°. 246.)

Zitting 1911—1912. 25 Juni 1912 deden de heeren Kuyper, de Savornin Lohman en Loeff het voorstel om de imperatieve bepaling van het reglement van orde, dat de commissie van voorbereiding, „alvorens haar verslag uit te brengen, dit ter kennisneming zendt alleen voor de leden", te vervangen door de facultatieve bepaling, „dat de commissie het verslag, alvorens dit uit te brengen, ter kennisneming alleen voor de leden kan zenden". Dit voorstel werd gedaan met het bepaalde doel om aan de commissie van voorbereiding voor het bij de Kamer aanhangige ontwerp-Invaliditeitswet de bevoegdheid te geven haar verslag dadelijk na afloop van de gedachtenwisseling met de Regeering te publiceeren, waardoor de gelegenheid tot indiening van amendementen bij de commissie en de bespreking van die amendementen in de commissie zouden vervallen. Dit zou de behandeling van bedoeld wetsontwerp bespoedigen.

Het voorstel werd, blijkens het daarover op 1 Juli uitgebrachte verslag, door vele leden een gelegenheidsvoorstel geacht, bedoelende, dat het ontwerp-Invaliditeitswet, met achterstelling van het mede aanhangige ontwerp-Ziektewet, in het najaar door de Kamer kon worden behandeld. Deze leden waren van oordeel, dat het niet wenschelijk was, ter bereiking van een politiek doel, incidenteel wijziging te brengen in een onderdeel van de „weloverwogen regeling der werkwijze van de commissie van voorbereiding", in het

110

Sluiten