Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat hetgeen bij art. 32 omtrent het overleg met de Ministers is verordend, in dit geval toepasselijk wordt op het overleg met de voorstellers.

Op de beraadslaging is art. 87 van dit Reglement van toepassing.

ART. 126. Wanneer de Kamer tot het instellen van het onderzoek besluit, bepaalt zij het getal leden, waaruit de Commissie van Onderzoek zal bestaan, het getal leden, dat ten minste tot de afneming der verhooren wordt vereischt, en worden de leden der Commissie benoemd met inachtneming van de voorschriften van art. 37 van dit Reglement.

In geval van uitbreiding, aanvulling of vervanging van haar personeel geschiedt de benoeming door den Voorzitter der Kamer.

De Voorzitter zorgt voor de plaatsing van het besluit der Kamer in de Staatscourant, overeenkomstig art. 2 der wet van 5 Augustus 1850 (.Staatsblad n°. 45).

ART. 127. De Kamer bepaalt bij elk besluit tot het instellen van een onderzoek den termijn, binnen welken het onderzoek zal zijn ói'geloopen.

Die termijn kan op voorstel der Commissie door de Kamer worden verlengd.

ART. 128. De getuigen en de deskundigen worden ondervraagd door den Voorzitter der Commissie en door hare leden, mits aan den Voorzitter het woord vragende.

De schriftelijke aanteekening der afgelegde verklaringen of gegeven berichten geschiedt door den Griffier, bijgestaan door de stenographen.

ART. 129. Wanneer de Commissie getuigen verdacht houdt, in hunne onder eede afgelegde verklaringen daadzaken te hebben vervalscht of tegen de waarheid voorgedragen, wordt daarvan een afzonderlijk procesverbaal opgemaakt, bevattende de afgelegde verklaringen der getuigen en de aanduiding der gronden, waarop het vermoeden der valschheid berust.

De Commissie stelt een door den Griffier onderteekend afschrift van het proces-verbaal in handen van het Openbaar Ministerie bij de rechtbank van het arrondissement, waarin het verhoor was gelast.

ART. 130. De processen-verbaal van verhoor van getuigen of deskundigen, alsmede het afzonderlijk proces-verbaal, in het vorig artikel vermeld, worden door de aanwezige leden der Commissie benevens den Griffier onderteekend. Alle andere acten en schrifturen van de Commissie uitgaande, behalve die waaromtrent de wet van 5 Augustus 1850 [Staatsblad n°. 45) de onderteekening van de aanwezige leden der Commissie vordert, worden door haren Voorzitter en den Griffier onderteekend.

ART. 131. Na den afloop van het onderzoek, of zoo dikwerf hangende hetzelve de Commissie het noodig oordeelt, of de Kamer daartoe besluit, doet de Commissie van hare verrichtingen verslag aan de Kamer.

De processen-verbaal der gehouden verhooren en de overige bescheiden van het ingestelde onderzoek worden ter griffie overgebracht.

De processen-verbaal der verhooren worden openbaar gemaakt, tenzij de Kamer daaromtrent anders beslist. De Kamer kan ook de openbaarmaking van andere stukken van het onderzoek bevelen.

12

177

Sluiten