Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maximum-duur van de redevoeringen der leden bij de beraadslagingen over de begrootingen, indien geen bijzondere regelen zijn gesteld, 290—292. Zie ook Woord.

Begrootingscommissiën. Zie Commissiën.

Beleedigende uitdrukkingen mogen door een lid niet gebezigd worden, 281—284.

Benoemingen of voordrachten volgens de Grondwet ea andere keuzen van personen. Welke voordrachten dit zijn, 382. — Plaatsen van dezelfde personen op twee nominaties, 383; bevoegdheid der Kamer het opmaken eener nominatie uit te stellen, 383. — Wijze van stemming, 384—387. — Verkregen meerderheid is niet geldig, wanneer het aantal stembriefjes grooter is dan dat dergenen die stemden en het verschil van invloed heeft kunnen zijn, 385. — De stemming is nietig wanneer het aantal behoorlijk ingevulde stembriefjes minder dan 51 bedraagt, 385. — Tusschenstemmingen, 386. — Bij staking van stemmen beslist het lot, 387. — Bij loting worden beide briefjes opgelezen, 387. — Aanbieding van voordrachten aan den Koning geschiedt door de stemopnemers en vier bijgevoegde leden, of wel schriftelijk, 388. Zie verder Stembriefjes, Stemopnemers.

Beraadslaging. Vóór 1842, 8. — De Voorzitter duidt den staat van het geschilpunt aan, 205, herinnert, bij afwijking, aan het onderwerp 205, 283—284.

Eene motie tot schorsing der beraadslaging moet door ten minste vijf in de vergaderzaal aanwezige leden worden voorgesteld of ondersteund, 270.

Orde bij de beraadslaging, 204—205, 280—284.

Niet beraadslaagd wordt over: het ontnemen van het woord door den Voorzitter, 284; het voorstel van den Voorzitter om een lid den toegang tot het Kamergebouw te ontzeggen, 284; het voorstel om de beraadslaging te sluiten, 286—288; het voorstel om de beraadslaging op een bepaald tijdstip te sluiten, 288.

Sluiting der beraadslaging op voorstel van den Voorzitter of van vijf leden, 286—288. — Voorstel van den Voorzitter of van vijf leden om de beraadslaging over eenig onderwerp op een in dat voorstel te vermelden tijdstip te sluiten: voorgesteld in 1909, zonder gevolg, 107; in 1919 aangenomen, 122; toepassing, 288.

Na staken van stemmen, wordt de beraadslaging over het voorstel heropend, 65, 302; voorbeelden, 303; heropening geeft gelegenheid tot nieuwe wijzigingen, 304.

Beraadslaging over een voorstel kan eerst plaats hebben vijf etmalen na de ronddeeling van het verslag, tenzij het onderwerp eenvoudig of spoedvereischend is, 306; afwijkingen, 306.

De beraadslaging over een voorstel is tweeledig, 307, — Algemeene beraadslaging over meer dan één ontwerp te zamen, 307,

Aard der algemeene beschouwingen. Besluit tot beraadslaging over elke der hoofdafdeelingen van het voorstel, 309. — Voorstellen des Voorzitters omtrent de indeeling der beraadslaging, 309.

416

Sluiten