Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

67

Statenbijbel: Leidener Übersetzung:

20 latende lieten

21 gegaan zij nde nu gin ge n zij

24 zeggende en r ie p

25 zeggende

26 hem scheurende deed hem stuiptrekken en ging en roepende met een luiden schreeuw van

hem uit

27 zeggende

31 gaande ging

35 opgestaan zijn- stond.... op de

37 hem gevonden t oentij hem gevonden hadden hebbende

40 biddende en die op de knieën vallende, vallende voor hem smeekte

hem op de knieën, en tot hem zeggende

41 En Jeins, met barm- vol ontferming i : hartigheid innerlijk

bew o ge n z ij nde

Mc. II, 3 brengende bracht men

4 kunnende konden

4 dat opengebro- braken.... op ken hebbende

5 ziende zag

8 bekennende werd gewaar

12 opgenomen nam.... op

hebbende

12 zeggende en zeiden

14 voorbij gaande uitging

14 opstaande s t o n d. ... op

16 z ie n d e zagen

17 dat hoor ende hoorde dit

23 al gaand e (andre Auslegung)

Mc. III, 1 een mensch, heb- een mensch met een ver-

b end e eene verdor- schrompelde hand de hand

Sluiten