Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wanneer de geograaf zich verdiept in de natuurkundige beschrijving van een land, dat uit hoogten en laagten bestaat, zoo wordt hem géén detail onthouden van den aard en loop der rivieren, nóch van de wijze, waarop de terreinsvormen zijn ontstaan, nóch door welke exogene factoren zij het uiterlijk verkregen, hetwelk zij dragen. Maar wèt wordt hem medegedeeld van de bodemsoort, die uit het onderliggende gesteente ontstond, dit moge klei, löss, veen, graniet, bazalt, zandsteen zijn, wèt van de wijze, waarop dit substraat werd gevormd, dat de drager is van den plantengroei, en wèt van de vorming van den grond, die, dank zij zijn eigenschappen, hem krachtens oorsprong en klimaat toebedeeld, hier duizenden voedt en dèèr slechts in staat is, kleinen menschengroepen bij voortduring een behoorlijk bestaan te leveren?

Trachten wij ons rekenschap te geven van de betrekkingen tusschen de volkeren der aarde en den bodem, waarop zij leven, zoo zien wij, dat daar, waar de bodemsoorten voorkomen, wier eigenschappen ten nauwste samenhangen met een aried klimaat, d.w.z. een klimaat, waarbij de verdamping den neerslag overtreft, deze in cultuur gebracht zijn door volkeren, bij wie het bevloeien min of meer tot systeem werd verheven. De OudEgyptische cultuur, de Inca-cultuur, de Mesopotamische cultuur hebben een op zich zelf staand, eigen karakter verkregen. Kunstmatige besproeiing vereischt slechts weinig grond, om een voldoende oogst te leveren, mits het bevloeiings-systeem in orde is en de noodige watertoevoer verzekerd zij. Dicht opeengedrongen nederzettingen en ophooping van menschen in een kleine ruimte, een sterk gesplitste arbeidsverdeling, ziet daar het kenmerk der „Bewasserungs-siedler", zooals zij eenmaal door E. Ramann genoemd werden. Vreemde Volkeren mogen het bevloeide gebied wederrechtelijk in bezit nemen, de cultuurvorm blijft stabiel en weerstaat den tand des tijds, overleeft de stormen van het geweld en zooals de Arabieren in de vlakte van Granada eens het irrigatie-systeem uitwerkten, zoo is het heden ten dage nog, lang nadat zij van den Spaanschen bodem verdwenen zijn.

Hoe anders, waar tengevolge van het humide klimaat, menschelijke cultuur tot ontwikkeling kwam. Hier, waar de hoeveelheid gevallen neerslag grooter is dan de verdamping, ontstond allereerst het woud, doch deze eeuwenoude woudbodem verkreeg in den loop der tijden, tengevolge dier woudbedekking, een serie ongunstige eigenschappen, hij werd arm aan plantenvoedende stoffen, en verwierf slechte fysische eigenschappen. Om hier een cultuurbodem te verkrijgen, moest eerst het woud verdwijnen, wat door het vuur gemakkelijk ging. Van het hooge Noorden tot in de tropen 26

26

Sluiten