Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waarneming aan het hcht zal brengen, dat deze vogel nog op meer voor hem geschikte plaatsen in ons land broedt. Zoo hebben Jij ook ITonTA W het blauwborstje en de snor van zeer zeldzame vogels tot vrij gewone zien worden, alleen doordat er beter op gelet is. 8

De immigratie van zwarte specht. Europeesche kanarie, kleine vliegenvanger en waterspreeuw in ons land klopt zeer goed met den regel dat de vogelsoorten m Europa hun gebied uitbreiden van het Oosten en Zuiden naar het Noorden en Westen, een regel die door Charles Dixon me tal van voorbeelden ,s gestaafd en door hem in verband wordt gebracht met de ijstijden. Evenals de planten zouden ook de vogels het teru^Zl «s volgen al is het dan ook vaak op ^ « Het scneeh er

nt^ wo'rdt:311' immi9ratiCS ^ V°9elS ZO° VerWaard -uden tun!

Het geval van de kuifleeuwerik bijvoorbeeld heeft er niets mee te maken S V°f' J9?* ^PP^el van Centraal- en Oost-Europa heeft zich in de laatste eeuw uitgebreid over geheel Europa, met uitzonde! nng van Groot-Brittannië en Ierland. In Skandinavië komt hij. hoewel

van den T^' D\°°™* ™ de leiding hgt in de bezigheid van den mensch die voor den vogel gunstige terreinen schiep op exerceervelden, spoorwegemplacementen, braak liggende velden in het uitbreiding

aet1^^.,9100*? ?Cden " dCr9Clijke- Z°° iS d£2e v°*cl stadsvogel geworden, hoewel hij nog niet lang geleden in de vogelboeken prijkte als een voge van het platteland, die slechts bij nijpend gebrek de steden zoekt.

vanH D1iÜ m hem' °m °VCr tC Steken naar E»S*knd. Dit is ook een van de merkwaardigste problemen uit de Ornithologische geografie: het

T,VaD ^ ^ NO°rdZCC ak loop de kuifleeuwerik langs de havens, in Dover vertoont zich geen enkele.

aTt5B? T ^ kuifleeuwerik' de gewone akkerleeuwerik daarentegen telt de Noordzee voor niets en steekt die in den trektijd om een

vZrklaP«°VCr' TT 'them * °DS W3t tC 9Uur is' Hcte^de geldt voor kievitten, roeken, kauwtjes, lepelaars. De lepelaars van Holland vliegen m het voorjaar vaak door naar Engeland en werden daar jaar op jaar door Patterson waargenomen op Breydon Broad bij Yarmouth. Daar vertoonen zij zich ook na den broedtijd, als oud en jong nog wat rondzwerft, voordat de tocht naar de winterkwartieren wordt aangevangen

lund^frVPOtV°9e uS h1 ,NaUW ^ CalaiS WCCr cen onoverkomelijke v°9el broedt bij ons te lande in groot aantal, in 't bijzonder op de Noordzee-eilanden. maar wordt in Engeland weinig of niet waargenomen, hoewel zijn bestaansvoorwaarden daar stellig niet minder goed

335

Sluiten