Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6

merkelijk, dat deze examens tot September 1905 zonder onderbreking geduurd hebben, toen zij afgeschaft werden. Wij stippen nog aan, dat de geboorte van Christus plaats had onder de regeering van P'ing-ti, d.i. „Vredes-Keizer," (A.D. 1—6).

In het tijdvak der Tweede Han-dynastie was het rijk verdeeld in drie Koninkrijken of San kwo. Deze periode, een der belangwekkendste in de Chineesche geschiedenis, is onvergetelijk gemaakt door den beroemden geschiedkundigen roman, genaamd de „SanKwo Chih", of „Geschiedenis der Drie Staten". Deze tij d mag met de ridderlijke middeleeuwen vergeleken worden en het boek is vol met avonturen en heldhaftige daden der helden en heldinnen, en is nu nog een der meest gelezen boeken in alle standen van China — niettegenstaande een tijdsverloop van meer dan zeventien eeuwen. Met het einde van het régime der Han-dynastie besteeg een opeenvolging van vorsten den troon. Van A.D. 265 tot 419 regeerden de Westelijke en de Oostelijke C%'i«-dynastieën. Daarna liet een zegevierende generaal zich tot keizer uitroepen en stichtte de Noordelijke /Sim^-dynastie. Hierna volgde de eene dynastie de andere op, zonder dat er iets van historisch gewicht van te vertellen valt.

Dit brengt ons tot A.D. 618, het begin der Tangr-dynastie, die bestemd was tot 907 te blijven voortduren, gedurende welken tijd de keizerlijke macht zeer vergroot werd. Evenals de Han- is de Tang-dynastie bekend als een der roemrijke dynastieën van China. Verschillende afzonderlijke staten werden onder het bestuur der Tang-Keizers vereenigd; vrede en rust heerschten in het land en landbouw en handel bloeiden. De Tang-generaals breidden de grenzen van het land uit naar het Zuiden en Westen en de banieren van het Hemelsche Rijk drongen door tot Turkestan en Perzië in het Westen en tot Tonking in het Zuiden, terwijl Korea een provincie werd, bestuurd door Chineesche gouverneurs. Gezantschappen werden van verschillende omringende staten ontvangen en het Mohammedanisme werd in China ingevoerd. Gedurende deze periode werd het Zuidelijke gedeelte van wat tegenwoordig China is, bij het Noorden ingelijfd, vandaar, dat de Chineezen uit het Zuiden zich dikwerf „Tang Jen" of „Zoon van Tang" noemen, gelijk die uit het Noorden zich als „Zoon van Han"> plegen te beschouwen. Drie en twintig vorsten uit deze linie hebben den troon bezet. Daarop volgde de onvermijdelijke inzinking en ontaarding van het regeerende huis, dat eindelijk ten onderging

Sluiten