Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

94

Hetzelfde geldt voor de Russen. Toen namelijk de Chineesche Regeering bij Presidentieel Besluit van 23 September 1920 de officieele erkenning van den Russischen Gezant te Peking, die nog door het Czaristische régime benoemd was, herriep, was het onmiddellijk daaruit voortspruitende rechtsgevolg, dat de Russische consulaire ambtenaren in China ophielden hunne functiën uit te oefenen en de door hen uitgeoefende exterritoriale rechten verklaard werden te zijn opgeschort (dus nog niet afgeschaft). Deze tijdelijke toestand is sedert bevestigd en bestendigd geworden door Artikel XII van het „Agreement on general principles for „the settlement of the questions between the Republic of China „and the Union of Soviet Socialist Republics", geteekend 31 Mei 1924, dat luidt: „The Government of the Union of Soviet Repu„blics agrees to relinquish the rights of exterritoriality and consular jurisdiction." ') Het Chineesche Gouvernement is er derhalve reeds in geslaagd een belangrijken stap voorwaarts te doen op den weg van het herkrijgen harer onafhankelijkheid, waar het betreft jurisdictie over de vreemdelingen binnen hare grenzen vertoevende.

Aan het exterritoriaal recht zijn zekere beperkingen opgelegd, waar wij nog de aandacht op willen vestigen. De rechten der vreemdelingen in China, zooals wij reeds gezien hebben, moeten in de eerste en laatste plaats gezocht worden in de verdragen door China met de verschillende Staten gesloten. Hieruit volgt, dat alle rechten, die niet aldus uitdrukkelijk afgestaan zijn door den territorialen souverein, door dezen behouden zijn, en bindend zijn voor vreemdelingen, die in het land verblijven. Dit blijkt ten volle uit de „additional articles'' van het Chineesch-Amerikaansche Verdrag van 1858, den 28sten Juli 1868 te Washington geteekend, waarvan Article I luidt: 2)

„It is further agreed, that if any right or interest in any ,,tract of land in China has been or shall hereafter be granted by the Government of China to the United States or „their citizens for purposes of trade or commerce, that grant „shall in no event be construed to divest the Chinese authorities of their right of jurisdiction over persons and „property within said traet of land, except so far as the

1) China Yearbook, 1924, blz. 1194.

2) Treaties, Conventions, etc., I, blz. 780.

Sluiten