Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

97

„no mention is made of protected persons: jurisdiction is restricted „to British Subjects Wat de bescherming in China door de Nederlandsche autoriteiten van de onderdanen van Luxemburg betreft, dient opgemerkt te worden, dat deze zich alleen uitstrekte tot belangen van particulieren en commercieelen aard en dat de behandeling van politieke aangelegenheden van het Groothertogdom uitgesloten waren 2). Waar verder Art. IX der Consulaire Wet, voor de toepassing dier wet, uitdrukkelijk met Nederlandsche onderdanen gelijk stelt, zij, die, overeenkomstig de Staatsverdragen of het gebruik, onder de bescherming staan van een Nederlandsch gezantschap of van Nederlandsche consulaten, was tusschenkomst der Nederlandsche autoriteiten in velerlei opzicht noodzakelijk. Het tractaat met China, waarop de exterritorialiteit van Nederlanders gebaseerd is, maakt geen melding van dergelijke besehermelingen. De kwestie is echter slechts van historisch belang daar de regeling, waarbij de behartiging van Luxemburgsche belangen door de Nederlandsche vertegenwoordigers in China waargenomen werd, sedert 1 April 1922 opgehouden heeft van kracht te zijn. Sedert dien datum zijn de belangen van het Groothertogdom aan de Belgische Consulaire ambtenaren toevertrouwd,

Verder is er nog een andere categorie van vreemdelingen', waarop wij even de aandacht willen vestigen. Dit zijn zij, die onderdanen zijn van een land, dat" geen verdrag met China gesloten heeft, en die niet onder de protégés van eene. verdragsmogendbeid gerangschikt kunnen worden. Deze klasse van personen bezit dus geen diplomatieken vertegenwoordiger, die voor hunne belangen kan opkomen. Om een goed begrip van hun positie te krijgen, moet men in herinnering houden, dat het internationaal privaatrecht algemeen aanneemt, dat een staat, vreemdelingen binnen zijn grenzen op gelijke wijze behandelt als de eigen onderdanen — een beginsel dat men in de Nederlandsche wetgeving terugvindt in Art. IX der Wet van den 15den Mei 1829 (Stbl. No. 28), houdende Algemeene Bepalingen der Wetgeving van het Koninkrijk.8) Volgens dezen regel zijn deze niet-officieel vertegenwoordigde

1) Hall, op. cit., blz. 138/9.

2) Handleiding voor den Nederlandschen Oonsulairen Ambtenaar, 1908 blz. 73.

3) Zie hierover: Kosters, Het Internationaal Burgerlijk Recht in Nederlandj (Haarlem 1917,) blz. 282 en ook Asser-Scholten, Handleiding tot de Beoefening v.h. Nederl. Burgerlijk Recht, (Zwolle,- I928,>5de druk. Deel I blz. 54.

7

Sluiten