Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Deze voorbeelden spreken sterk door hun voor de hand liggend erkend redeloos karakter, toch is menig algemeen-gangbare en wetenschappelijk-gesanctioneerde groepeering volstrekt niet redelijker gefundeerd. De groepeeringen in sexen, in rassen, in stammen, in volkeren, deels natuurlijk, deels fictief, wortelen in het vanzelfsprekendheidsgevoel, in het begripsdefect dat het incidenteele niet van het essentieele weet te scheiden. Gansche complexen misvattingen danken hun aanzijn aan dit begripstekort en geheele vakken van wetenschap zijn er waardeloos door. Menschen te groepeeren naar hun „criminaliteit" of naar hun „artisticiteit" is even redeloos als bloemen te groepeeren naar hun kleur en schilderijen naar hun onderwerp. De melancholische dronkaard staat den melancholischen geheelonthouder nader dan den van kwaad tot erger vervallen losbol. De melancholie is het essentieele, niet de dronkenschap, de roofmoordenaar is nauwer verwant aan den beurskoning dan aan den lustmoordenaar, de hartstocht is het essentieele, niet de moord.

Ook in deze groepeeringen ligt het redelooze nog voor de hand, reeds de Ouden wezen voor de indeeling in „goeden" en „boozen" de daad als maatstaf af. Niettemin vormen ze nog immer de basis voor criminalistische en sociologische theorieën. In „Prometheus" is reeds bij de bespreking van Sighele's boek „La Foule Criminelle" op dit begripstekort gewezen. Even redeloos als de groepeering naar de criminaliteit is die naar de „genialiteit". Napoleon en Beethoven heeten beiden „genieën", doch Napoleon stond geestelijk — gelijk Shaw ook zegt in „The man of Destiny" veel dichter bij zijn soldaten dan bij Beethoven. Evenzeer redeloos is de groepeering in kunstenaars en de daarmee samenhangende opvatting dat de kunstenaar van huis uit elke kunstuiting begrijpt. Menig dichter zou zonder dien waan zijn mond over schilderijen hebben gehouden. Niet alle kunst schept uit dezelfde bron. Elk scheppend kunstenaar heeft onder de niet scheppenden zijn geestverwanten die hem nader staan den de op ander gebied scheppenden.

25

Sluiten