Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

165

eigenlijk „mantel" of „rok". En nu noemen ze — hoe charmant! m een enveloppe een „sarong soerat", het manteltje van den brief. Maar wat zegt u dan wel van „hoofddeksel" en van „vingerhoed" en van „handschoen"? Het kan immers niet teekenachtiger. Een kleine heer noemen ze een „halven heer". Inderdaad, en wij noemen een kleine flesch een halve flesch. En bruin heet bij hen „zoet zwart" en rivierwater heet bij ons „zoet water". En de suikerpot noemen ze het „huis van de suiker" (tampat goelah) en wij hebben een klokhuis, een brillenhuis en een peperhuis. Een letterkundige, die zich gaarne voor Chineesch specialist uitgeeft, vertelt zes keer in hetzelfde artikel, dat zijn secretaris luisterde naar den naam van den „Schitterenden Graaf van den Bosch". Maar sla nu een Hollandsen adresboek op. Hier woont de heer den Hertog (De Hooge Aanvoerder Der Heerscharen) naast den heer de Leeuw (de Machtige Koning van het Woud), en mijnheer van Lelieveld en mijnheer Roozeboom wonen aan den overkant. En niemand vindt het bijzonder poëtisch of zwierig om Diamant of Saphier te heeten, aangezien de menschen dan begrijpen dat ze Joden zijn en in effecten handelen. Duizend maal liever heeten ze Hardenbroek of Beerenklouw. Zoo ver gaat de geëxalteerde belangstelling voor het uitheemsche en de afstomping voor het eigene, dat we bij „lucifer" alleen voelen wat het benoemt, en bij „Streichholz" wat het bedoelt. Pas door de verbazing over het Engelsche „voice" in hetzelfde verband, kwam iemand er toe om te realiseeren, dat het woord „wijs" in „onbepaalde wijs" hetzelfde woord is als wijs voor melodie en dat melodie ook weer hetzelfde is als stem (eerste of tweede stem), en tenslotte dat het Hollandsche wijs en het Engelsche voice hetzelfde woord is. Zoo bracht de Fransche uitdrukking „coup de main" voor „ergens slag van hebben" een schooljongen tot de voor hem verrassende ontdekking, dat ook het Hollandsche woord slag in dat verband hetzelfde is als slag voor klap.

Het „teekenachtige" is nooit aan de woorden, het is in den menschelijken geest, die aanhoudend het beeld,

Sluiten